Heidi en Manu in het nomadenleven

Een olifant op luciferstokjes

We hebben de vergunning binnen! De offertes met onze Bob de Bouwers zijn rond! Dus... we kunnen gaan bouwen!!! Omdat we de hele bouw scherp in de gaten willen houden en de handen van onze grootste Bob Manu jeuken om mee te helpen, besluiten we onze campingcar naar de werkplaats te rijden; m.a.w: we verhuizen ons huisje naar onze eigen tuin!!!

'Zullen we niet wachten totdat de machines de grond wat rechter kunnen trekken?', vraag ik ongerust aan Manu. 'Welnee, die pick-up kan dat volgens mij best aan.', reageert hij vrolijk. Om met de camper op onze grond te komen, moeten we eerst een metershoge greppel overbruggen. Of we kunnen natuurlijk ook even wachten totdat de grondwerkers de grond bewerken en er zo oprijden. Ik ben voor de laatste optie, Manu staat echter te popelen voor de eerste... Dus het wordt de eerste! Als we even later met huis en raad naar onze boomgaard rijden, word ik toch wel nerveus. 'Dit wordt niks Manu. Straks kieperen we met camper en al om in de berm.' 'Welnee die pick-up is hier echt geschikt voor.', roept hij opgewonden. 'Ja de pick-up, maar er zit nog een huis op lieve schat!', reageer ik bezorgd. 'We kijken wel.', antwoordt hij koelbloedig. 'Als het niet lukt, doen we het gewoon niet.' Maar dat is juist wat me zorgen baart. Als Manu iets in zijn hoofd heeft, weet hij niet van stoppen. Dus hoe dan ook, die unit zal tussen onze olijfbomen terechtkomen. Al moet het rollend... 'Ga jij anders maar wandelen als je er niet tegen kan. Het lukt mij ook alleen.', grinnikt hij. Hoewel dat ook mijn grootste wens, vind ik dat toch ook weer erg slap. Ik zal hem maar weer helpen met zijn rare capriolen...

Als we bij onze grond aankomen en op zoek zijn naar de ‘laagste afgrond' van de weg naar ons veld, zie ik een denkbeeldige afdaling die zelfs mij realistisch lijkt. Manu stemt in met mijn voorstel. Als hij in de pick-up stapt, krijg ik meteen de opdracht: 'Ga jij daar verderop staan, dan weet ik waar ik naar beneden moet rijden.' Ik gehoorzaam netjes en heb zelfs het lef om naar de eerste wereldpoging Abzeilen met een pick-up te kijken. Als hij drie meter naar voren rijdt, kukelt de pick-up meteen met een klap naar voren. Ik weet niet waar ik het zoeken moet, buiten is het rond de 40 graden, maar ik loop tegen de 90 graden van de zenuwen. Bij de volgende drie meter die pick-up voorwaarts beweegt, kiepert hij opeens 35 graden na rechts. Grrrbrrrr bammmm booem, en stil was het. 'Zie je nou wel, ik zei het toch, ik zei het toch', roep ik al springend en jammerend als ik naar mijn huisje kijk die met twee wielen in de lucht half op zijn kant ligt. Manu stapt uit de pick-up om de situatie te inspecteren. 'Oei', zegt hij dan alleen. Ik zwijg en blijf stokstijf staan. Als hij na tien minuten kijken, denken en rondlopen roept 'Ik weet het.', stapt hij weer in de pick-up en start de motor. Ik ga maar weer gehoorzaam op mijn positie staan, maar draai me rug naar de auto toe en doe mijn oren dicht. Ik wil geen getuige zijn van deze situatie. Toetoeoe!, na vijf minuten trillen hoor ik onze fameuze claxon en draai me snel om. De pick-up staat pal achter me en Manu maakt een lachend gebaar in de auto dat ik uit de weg moet, omdat hij er niet door kan. Opgelucht haal ik adem. Geen idee hoe hij het voor elkaar heeft gekregen. Maar het ergste is voorbij. Nog een paar hobbels en bobbels en dan kunnen we ons installeren.

Als we een mooi plekje tussen twee olijfbomen hebben gevonden, zien we dat de grond wat scheef afloopt. Dit hebben we wel vaker meegemaakt en trekken dat recht door de unit met de poten waterpas te zetten. Wanneer we nu de poten uitdraaien, blijken twee poten wel erg hoog te komen. Als Manu vervolgens de auto eronder uitrijdt, doet de unit me denken aan een olifant die op vier luciferstokjes staat. Als we vervolgens de poten langzaam willen indraaien, begint de unit opeens te wankelen. 'Stoppppp!!!', roep ik verschrikt. We laten allebei angstvallig alles los en kijken stokstijf naar ons bevende huisje. Als hij is uitgewiebeld, durf ik hem niet meer aan te raken. Ik heb het idee dat een tikje met een pink voldoende is om hem zo naar beneden te laten rollen. 'Ik snap er niks van', zegt Manu bedenkelijk. Ik verroer me niet, ben misselijk en benauwd tegelijk en besef dat het abzeilen naar het veld een peulenschil was vergeleken met waar we nu mee bezig zijn. Terwijl ik sta te trillen op mijn eigen luciferstokjes, begint Manu opnieuw een voorpoot in te draaien. Kkgggggrrrrrrr, de unit helt links voorover en de poot schuift met een grote ruk in één keer scheef. 'Manu!!!!!!', gil ik. Weer staan we stokstijf en kijken of ons huis het overeind weet te houden. Dan zien we dat het hele draaimechanisme zo geforceerd is dat de voorpoot niet meer in of uitgedraaid kan worden. We kunnen nu niks meer. De hele unit houdt zichzelf met moeite in evenwicht. 'We moeten hulp halen', roep ik in paniek. 'Wat denk je? Dat je hem met tien man wel tegen houdt? Weet je wel hoe zwaar hij is? Als hij gaat, dan gaat ie.', reageert Manu. Na enkele minuten naar de unit te hebben gestaard, zegt Manu 'Ik weet iets.' Hij loopt naar de pick-up en haalt er een takelband uit. Bevestigt de band aan een boom en aan de unit en trekt hem strak aan. 'Zo, die kan niet meer wegglijden.' Maar hoe nu verder? Na lang kijken, denken, rondlopen en praktiseren, concludeert Manu 'We gaan kijken of we de pick-up er weer onder kunnen rijden.' Hoewel het logisch gezien onmogelijk is, omdat we de unit al gedeeltelijk naar beneden hebben gedraaid, proberen we het toch tegen beter weten in. Een wanhoopsdaad, nu we geen alternatieven meer zien. Als Manu voorzichtig naar achteren richting de unit rijdt, zie ik van onderaf dat de unit nog steeds hoger staat dan de pick-up. Ik ben perplex en ervan overtuigd dat deze hulp ergens van boven moet komen. Na een half uur krijgen we de auto eindelijk precies onder de unit gestoken. Wat klappen tegen de voorpoten om het mechanisme recht te trekken en we kunnen de unit weer op de auto laten zakken. We zijn één en al opluchting... maar tegelijkertijd weten we ook dat pick-up en unit nooit samen over de greppel omhoog kunnen. Gespannen besluiten we een andere plek op het veld te zoeken dat vlakker is. Na lang en uitermate voorzichtig te werk te gaan, weten we ons huisje dan toch op de grond te krijgen. Het is gelukt. Na vier zenuwslopende uren is de unit tussen zijn olijfbomen gekomen, en bijna rollend... Deze actie was uiteindelijk ook voor Manu toch wel erg heftig. En hoewel ik opnieuw besluit om niet meer met zijn rare capriolen mee te doen, ben ik toch blij dat hij ook nu van geen ophouden wist....

De offerteaanvraag!

'Nooit meer verbouwen!', riepen we luidkeels toen we ons huis in Ellewoutsdijk hadden verkocht. En nu een jaar later... houden we ons toch aan ons woord... Want we hebben het verbouwen omzeilt door gewoon de eerste lettergreep weg te laten. Het woord wordt kleiner, maar de uitdaging veel groter!!! We hebben het nu ‘druk' met uitzoeken, informeren, en prijzen opvragen. En dat in een land waar het niet ongewoon is om bedonderd te worden waar je bij staat (helemaal als buitenlander). Dus nemen we het advies van de mensen om ons heen serieus; laat je overal uitgebreid informeren; vraag overal offertes aan; en dan vergelijken: niet twee of drie offertes, néé acht of negen. Dus... we gaan op offertejacht!!!

Als we op onze motor door Ierapetra rijden, zien we dat het stikt van de 'ramen- en kozijnenboeren'. We stoppen bij een showroom en worden hartelijk door een verkoper ontvangen. De man houdt netjes zijn verkooppraatje en als we aangeven dat we precies weten wat we willen, stelt hij voor om meteen een offerte te maken. 'Het duurt wel even want alles moet in de computer worden ingevoerd. Willen jullie café frappé?' vraagt hij als hij op zijn computer begint te rammelen. 'Ja lekker' geven we aan, we hebben toch alle tijd. Aangezien Manu graag met zijn handen kijkt, begint hij ondertussen de showroom in zijn eentje uit te testen. 'O, o, problem!', galmt het na enkele minuten door de winkel. De verkoper en ik kijken elkaar vragend aan en spurten naar het rommelende geluid verderop. Opeens zien we Manu met een half raam in zijn handen staan. 'Is kapoet', geeft hij de verkoper te kennen. De man begint te lachen en schiet Manu te hulp. 'Not kapoet, no problem. Is only onderdeel out', en hij legt vervolgens uit dat als een klant een onderdeel nodig heeft, zij deze vaak uit de showroom demonteren. Dit, omdat het soms weken kan duren voordat de fabrikant het gevraagde onderdeel opstuurt. Het missende onderdeel om de raam goed te sluiten, is dus naar een klant vertrokken. We knikken allebei begripvol naar de verkoper, maar in gedachte gaat er bij mij al een streep door deze potentiële leverancier. Als er na enkele minuten een gedetailleerde offerte uit de printer komt rollen, staan we ook niet te juichen bij de prijs. We laten echter niets blijken en bedanken de verkoper voor de genomen moeite. 'We zullen er over nadenken', vertellen we hem en verlaten de winkel. Op naar de volgende offerte!

We komen terecht bij een keukenhandelaar die ook in kozijnen, tegels en badkamers doet. Ook daar houdt de verkoper netjes zijn praatje en neemt alle afmetingen op die we hem geven. De offerte kan hij echter pas over twee dagen geven, want de prijzen moet hij bij de fabriek opvragen. 'Geen probleem', geven we aan en beloven terug te komen. Als we twee dagen later de winkel weer binnenlopen, constateren we meteen een lichte paniek bij het verkopend personeel. Nee, Yanis de verkoper is er niet. 'Oh', antwoorden we alleen maar. 'Maar niet weggaan, één momentje', wordt ons angstvallig medegedeeld. Na enkele minuten komt er een man naar ons toe en wenkt ons om aan zijn bureau te gaan zitten. Half fluisterend vertelt hij ons dat de fabrikant de offerte nog niet klaar heeft... 'Oh', zeggen we dan maar weer. Het lijkt of we opeens in een gevaarlijk complot zijn beland dat verder niemand mag horen. 'Maar.. ik heb wel een prijs voor jullie', gaat de man verder. 'Oh', antwoorden we maar weer. Hij pakt stiekem een post-it kladblaadje en krabbelt er snel een bedrag op. 'Dit is de totale prijs voor de kozijnen', en schuift het blaadje snel, alsof er een geheime code op staat, naar ons toe. De prijs is belachelijk hoog, maar we geven geen krimp. 'Maar we hebben ook hele mooie tegels', gaat hij zachtjes verder. 'Als jullie de kozijnen kopen dan krijgen jullie de tegels met een fikse korting erbij. Hele mooi tegels.' 'En wanneer is de officiële offerte klaar?', vragen we zonder blikken of blozen. 'Over twee dagen, helemaal klaar', verzekert de man ons. 'Oké, we zullen erover nadenken', is onze enige reactie en we vertrekken. We hoeven elkaar alleen maar aan te kijken. Hier komen we niet meer terug. Op naar de volgende offerte!

De volgende kozijnman, Georgios genaamd, hebben we als tip van iemand doorgekregen. Hij werkt alleen en slechts voor één bepaald merk kozijnen. Als we op zijn werkplaats aankomen, geeft Georgios meteen een beetje geneert aan dat hij bijna geen Engels spreekt. 'Geen probleem, daar komen we wel uit', antwoorden we. We kennen ondertussen alle termen en afmetingen in het Grieks om de meest geavanceerde kozijnenofferte op te vragen. De werkplaats van Georgios is een lokaal waar alle soorten profielen liggen, ruimte om te werken en een tafeltje met allemaal schriften die onder het stof liggen. Ik neem aan dat dat zijn administratiekantoor is. En ja hoor, na uitgebreide uitleg, schrijft hij aan zijn tafeltje alle gegevens netjes op een blaadje. Geen computer in geen velden of wegen te bekennen, dus ik bereid me alvast voor op een kladblaadjesofferte. 'Dit moet ik even goed uitrekenen. Morgen is de offerte klaar.', geeft hij te kennen. En zo vertrekken we om de volgende dag weer naar binnen te lopen. Als Georgios ons ziet aankomen, pakt hij meteen zijn grote schrift erbij. We zien dat hij alle ramen en deuren heeft uitgetekend en de berekeningen heeft bijgeschreven. Hij telt nog even alles voor de zekerheid na en geeft dan meteen de totaalprijs.... Op een kladblaadje.... Maar Georgios komt serieus over en de prijs is niet slecht. Als we nog een paar dingen willen weten, vraagt hij of we een huis willen zien dat dezelfde kozijnen heeft als wij willen. Hij heeft de kozijnen gemaakt en geplaatst. 'Dan kunnen jullie meteen mijn werk beoordelen.', grijnst hij. We rijden vervolgens een half uur de bergen in en komen bij een stenen huis aan, wat helemaal op onze smaak aansluit. Georgios belt de eigenaar op om te vragen waar de sleutels verstopt liggen. Dan kunnen we even binnenkijken.... Zijn werk ziet er goed uit, we zijn onder de indruk. We nemen afscheid met onze slotzin 'We zullen erover nadenken', en we vertrekken voor de volgende offerte!

De volgende kozijnman waar we aankomen, heeft al gehoord dat we overal offertes opvragen. Hij besluit niet eens aan een offerte te beginnen, omdat hij al weet dat hij tegen een aantal concurrenten niet op kan... 'Oké dan'. Op naar de volgende offerte!

Na twee andere offerteaanvragen belanden we vervolgens in ‘een beetje Nederland'. We komen terecht in een grote fabriekshal met luxe showroom en werkapparatuur waar je u tegen zegt. De eigenaar, Pavlos, legt ons uren lang gedetailleerd uit wat voor materialen ze gebruiken en wat hun werkwijze is. Erg professioneel allemaal, we zijn onder de indruk. Na enkele dagen ontvangen we via de mail een zeer professionele offerte. De prijs is redelijk.

Als we vervolgens de balans opmaken, hebben we zonder twijfel allebei voorkeur voor twee leveranciers. Allebei serieus en liefde voor hun vak, maar met een werkwijze die compleet tegenovergesteld is van elkaar. De één, Georgios, beschikt over het handbewerkelijke vakmanschap. En de ander, Pavlos, heeft de snelle technologische hoogstandjes in huis. We voelen ons aangetrokken door de ‘westerse' efficiënte en systematische aanpak van Pavlos. Maar hebben ook bewondering voor de persoonlijke en handmatige werkwijze van Georgios. Vakmanschap of de nieuwste technologie? De kwaliteit doet niet aan elkaar onder, alleen brengt de technologische ontwikkeling waarschijnlijk welhet ‘primitievere' vakmanschapten onder... We zijn er nog niet uit. We zullen erover nadenken...

De weervrouw van Ierapetra

'Weervrouw hier in Ierapetra?' merkt Manu enthousiast op als hij erachter komt dat de buurvrouw van mijn nichtje Cathy bij een weerstation werkt. Zo nieuwsgierig als hij is, vraagt hij vervolgens honderduit over de voorspellingstechnieken, meetinstrumenten, zon, wind, wolken en regen. 'Weet je wat?', besluit weervrouw Catherina tollend van alle vragen. 'Kom een keer met me mee, dan kan je zelf zien hoe wij hier werken.' Een buitenkans! We mogen een kijkje nemen bij een meteorologischinstituut op Kreta!

Dezelfde avond nog staat Catherina voor ons neus. 'Ik ga nu naar mijn werk, hebben jullie zin om mee te gaan?' Hoewel we zonder enige twijfel op haar uitnodiging ingaan, komen bij mij wat vraagtekens naar boven. 'Maar als we met haar meerijden en zij moet werken, dan moeten we daar een paar uur blijven', fluister ik een beetje minder enthousiast tegen Manu. Een kijkje nemen oké, maar mijn nieuwsgierigheid reikt niet zo ver dat ik uren op een weerstation wil rondbanjeren. 'Is het ver hiervandaan?' vraagt Manu dan aan onze weervrouw. 'Nee hoor, zo'n 500 meter verderop, aan het einde van de straat.' We kijken elkaar vervolgens verbaasd aan. We hebben allebei nog nooit een groot gebouw of iets van een kantoor hier in de buurt gezien. Bij een meteorologischinstituut denk ik meteen aan zo'n halve verkeerstoren van Schiphol met de meest technische en ingewikkelde instrumenten. Hoewel dat wel weer vrouwelijke naïviteit zal zijn, kan ik me zelfs geen kantoor of kantoortje hier in de wijk herinneren. Ook Manu, die visueel altijd alles scherp in de gaten heeft, heeft geen idee waar het zou kunnen zijn. 'Ik hoef er alleen een aantal gegevens te noteren en te verzenden. Het duurt ongeveer een kwartiertje denk ik.', licht Catherina ons toe. O, oké en we stappen vol verwachting bij haar in de auto. Als we aan het einde van de straat aankomen, parkeert ze de auto tussen de flats naast een verwoekerd veldje. 'Waar is het?', vragen we om ons heenkijkend. 'Hier!' en ze wijst naar de keet dat op het veldje staat. Als we over het veldje naar de keet lopen, zien we tussen het metershoge gras allemaal instrumenten staan. 'Werken die instrumenten nog?' vraagt Manu als hij de antieke objecten waarneemt. 'Ja, hier lees ik nou elke dag de weergegevens van af.' legt Catherina uit. 'Het dateert uit 1968. Niet alles doet het nog even goed, maar geld om de boel te vernieuwen is er niet.' Als Catherina haar notitieboekje uit de keet te voorschijn haalt, lopen we gezamenlijk alle instrumenten af. Het ene instrument geeft het aantal zonuren per dag weer, een ander het aantal mm regen dat per dag gevallen is. Als we bij het meetinstrument aankomen, dat de hoeveelheid gevallen regenwater per minuut registreert, begint onze weervrouw wat onhandig aan het object te frunniken. 'Ik weet nooit precies hoe dit werkt, verklaart ze. 'Het regent hier zo weinig dat ik nooit goed onder de knie kan krijgen hoe ik dit moet lezen... Ik schrijf meestal op wat ik denk dat een beetje in de buurt komt. Maakt niet zoveel uit.' We zijn onder de indruk. Als we vervolgens naar de andere kant van het veldje lopen worden we bijna gelincht door een waslijn dat dwars over het pad heen loopt. Er hangt alleen een verwassen veter aan. 'Het instrument om de windrichting te bepalen is stuk, ik kijk nu via deze veter waar de wind vandaan komt.', verklaart ze. Gebiologeerd zitten we daarna enkele minuten met z'n drieën naar de veter te staren. De veter waait heftig alle kanten op aangezien het veldje midden tussen de flats ligt en de wind van alle kanten komt. 'Waar komt de wind vandaan, denken jullie?', vraagt de ze dan. We schieten met z'n drieën in de lach. 'Ik maak er Noordwest van.', roept ze vrolijk en loopt vervolgens kordaat naar haar ‘weerkeet'. Als we binnen zijn, gaat Catherina achter een grote kast zitten. Het blijkt de computer te zijn. 'En uit welk jaar stamt deze technologie?', vraagt Manu geïntrigeerd. 'Van vorige week, hij is nieuw.. Tot twee weken terug verstuurde ik alle gegevens via de telegram naar Athene.' Ze legt uit dat de installateur wat steken heeft laten vallen bij het aansluiten en installeren van de computer, en nu heeft te ze grootste moeite om haar gegevens naar Athene te sturen. 'Via de telegram ging het allemaal een stuk makkelijker.' zucht ze vervolgens. In de weerkeet van Catherina staat naast een bureau nog een archiefkast voorzien van vele jaren handgeschreven weergegevens; een paar kaplaarzen met regenjas voor als het flink regent; een knijpkat! voor als het donker is; en een bed.. 'Die is nog van mijn voorganger.' licht Catherina toe. 'Die rustte hier ook regelmatig uit...' Als alle weergegevens naar Athene zijn verzonden, blijkt dat onze weervrouw alleen het weer constateert en verder geen voorspellingen doet. Dat wordt allemaal in Athene gedaan, waar het weerstation volgens Catherine wel aan mijn beeld voldoet. We hebben weer wat meer vertrouwen in de weersvoorspelling van Griekenland gekregen.. Maar ach, hier valt in de zomermaanden weinig verkeerds te voorspellen; elke dag een strak blauwe lucht met temperaturen tussen de 35 en 40 graden. Alleen de wind is hier wel erg wisselend. Maar zelfs dat geeft de veter van onze weervrouw nog correct aan. De wind draait hier zo vaak op Kreta, dat je soms de indruk hebt dat het van alle kanten komt..

Ja, hoe dan ook, de Griekse weervoorspellers zitten er zelden naast en daar kunnen ze in Nederland nog een puntje aan zuigen!

Bob de Bouwer in het Grieks?

Wegens vakantie hebben we een tijdje niets van ons laten horen... Nee hoor! Tussen het uitzoeken van stenen, daken, ramen, deuren, etc. voor een huis, hebben we de afgelopen weken geleden slechts één verhaaltje geschreven. Maar... we gaan de draad weer oppakken! Als alles loopt zoals het lopen moet (en dat blijft altijd de grote vraag) gaan we op korte termijn bouwen!

'Vorken? Ja hoor, vorken hebben we wel.' En geven de man drie vorken te leen. Blij duikt hij met zijn aanwinst weer bij zijn vrienden onder de boom vlak naast onze camper. Nog geen paar seconden later staan er als dank voor de vorken vier halve liter flessen Amstel bij ons op tafel. Als we goed kijken, doet een kist bier en een aantal waterflessen gevuld met raki bij de boom, ons vermoeden dat de heren het op het zuipen gaan zetten. Als hun oude cassetterecorder vlak daarna op stand spiekerexplosie gaat, komt ons vermoeden uit. De ene fles bier na de andere wordt open geklikt. 'Kom, kom.', blijven ze maar naar ons gebaren. Vriendelijk wijzen we alle uitnodigingen af totdat...

'Ik weet zeker dat het van die Albanezen of Bulgaren zijn die stenen huizen bouwen hier.', zegt Manu tegen me als we samen in de camper staan. 'Ik ga kijken of dat zo is, dan kan ik meteen vragen wat ze met het bouwen verdienen.' Wanneer ik twee minuten later door het raampje kijk, zie ik Manu al met een biertje druk met handen en voeten aan de gebarentaal. Ik draai me vervolgens om en hoor hem dan roepen: 'Heidi, help eens even.' Als antwoord voeg ik me ook bij de mannen. 'Huis bouwen, no problem, no problem', is het enige wat de mannen roepen. 'Maar ik wil weten wat het kost om te bouwen', vertelt Manu me. Ik doe dan een poging met pen en papier om te weten te komen wat een stenen huis per m2 kost. 'Ochi, Ochi, (nee, nee) dat kunnen ze blijkbaar niet zeggen. 'Meachanico, Meachanico', is het enige wat ze consequent weten te antwoorden. Oké, de meachanico zal wel de aannemer zijn die de prijs maakt, we begrijpen ondertussen dat zij alleen maar bouwen. 'Kan je eens vragen of we kunnen zien wat ze al gebouwd hebben?', vraagt Manu me vervolgens. 'Ik wil überhaupt eerst weten of ze goed kunnen bouwen.' Als ik met een paar termen gooi als look, spiti (huis), finito, your work, krijg ik vervolgens alleen maar grote niet begrijpende ogen naar me teruggekaatst. 'No problem, no problem!', is het antwoord wat ze er herhaaldelijk uit blijven gooien. Dit wordt niets, ik ben er klaar mee, denk ik bij mezelf en maak een gebaar van ‘laat maar zitten.' Dan lijkt bij Stavro, één van de mannen, een lichtje te gaan branden. 'Come, come, you see, Ierapetra' en hij gebaart naar hun auto dat we mee moeten rijden. Het alcoholpercentage dat intussen door hun bloed raast, moet ongetwijfeld alle stoppen van elke blaastest doen doorslaan. We stellen daarom de heren voor, hen op de motor te volgen. Even later crossen we door de straten van Ierapetra en langzaam bekruipt me het gevoel dat we toch niet helemaal op één lijn zitten met ‘onze nieuwe vrienden'. In het centrum is alles bijna van beton en de stenen huizen zijn er op één hand te tellen. We stoppen even later voor een betonnen woning en kijken de heren vragend aan. 'Meachanico, meachanico', roepen ze dan weer voluit. De man van de vorkjes begint voor de woning druk te telefoneren en uiteindelijk snappen we dat we bij het huis van de meachanico zijn gestrand, dat de goede heer er niet is, maar zich in het stadje Sitia bevindt. 'Morgen, morgen', is vervolgens de nieuwe openingszin. Manu schudt van nee en kijkt me vragend aan, 'Hoe zeg ik dat ik iets wil zien dat ze al gebouwd hebben?' 'Ik heb geen idee Manu. Ik spreek net zoveel Grieks als jij.', antwoord ik hem half lamlendig van alle pogingen. Als hij vervolgens probeert uit te beelden wat hij bedoelt, beginnen ook de mannen al toneelspelend te reageren. Het lijkt net of ze hints op straat aan het spelen zijn, maar jammer genoeg blijft iedereen op de nul punten steken... We geven het na enkele moeizame minuten dan maar weer op en bedanken de mannen voor de genomen moeite. Dan roept Stavro opeens 'Ooohhhh, work' en begint hardhandig al lachend op zijn borst te kloppen. 'Yes!!!!', antwoorden we opgelucht in koor. De mannen huppelen vervolgens enthousiast naar de auto en gebaren ons hen weer te volgen. Een paar minuten later, net buiten de stad, stoppen we dan voor een stenen huis. 'Me work!', roept Stavro glimmend van trots. 'Good work, good work', antwoord Manu wanneer hij het resultaat ziet. De mannen zijn zo blij dat ze Manu innig en enthousiast omhelzen. 'Morgen meachanico bij jullie', begrijpen we vervolgens. Om tien uur 's ochtends komt hij bij ons op het strand. ‘Endaxi (oké) en we nemen allemaal vrolijk afscheid van elkaar.

De volgende ochtend als we aan het ontbijt zitten, staat Stavro opeens voor onze neus. 'Ierapetra', zegt hij. 'Wat Ierapetra? De mechanico zou toch hier naar toe komen?', zeggen we verbaasd tegen elkaar. Stavro haalt vervolgens een visitekaartje te voorschijn en wijst erop dat we daar naar toe moeten. Architect lezen we op het kaartje.... We willen helemaal geen architect, die hebben we al! We besluiten uiteindelijk toch Stavro op de motor naar Ierapetra te volgen. De architect zal wel Engels spreken, dus die kunnen we vertellen dat we alleen wat informatie willen. In Ierapetra aangekomen lopen we achter Stavro door de straten van het centrum. Hij houdt het visitekaartje zo voor hem in de lucht, alsof hij een plattegrond aan het ontcijferen is. Dan gebaart hij ons te wachten en stapt een kantoor binnen. Na nog geen enkele seconden komt hij weer naar buiten en loopt vervolgens iets verder bij de bakker (???) naar binnen. Manu en ik kijken elkaar aan en schieten tegelijk in de lach, 'Het moet niet gekker worden.' reageert Manu. Na de bakker bezoekt Stavro nog een kiosk, een café-bar en een gordijnenwinkel. Hij vraagt overal rond en dan hebben we het door: de architect is zoek! Pas verhuisd, en in Ierapetra waar iedereen iedereen kent, weet niemand hem meer te zitten. Uiteindelijk vinden we hem via, via, via, via en worden we vriendelijk door de architect ontvangen. We leggen hem uit wat onze plannen zijn en dat Stavro ons naar hem heeft geleid. Communiceren in dezelfde taal is opeens een hele openbaring als je in een mum van tijd interessante informatie krijgt over het bouwen van huizen. Aan het einde van het gesprek, vraagt Stavro aan de architect hoe het nu eigenlijk met ‘ons huis' zit. De architect legt hem uit dat eerst alle vergunningen afgegeven moeten worden, dus dat er van meteen bouwen nog geen sprake is. Het antwoord komt bij Stavro hard aan, teleurstellend laat hij zijn hoofd naar beneden zakken. Deze man zocht met alle macht naar werk. Ook hier is de crisis voelbaar en voor Stavro waren wij opeens uit het niets een lichtpuntje van hoop. Hij heeft ons geraakt, maar ondanks dat gaan we met een andere architect en aannemer bouwen. We nemen met een treurig gevoel afscheid van Stavro en bedanken hem voor de genomen moeite, als antwoord lacht hij alleen maar een beetje en wijst naar de boulevard, geen werk, hij gaat maar een biertje drinken..

Hagelslag met pindakaas

'Fruitkisten! We doen het in fruitkisten!', roept Manu opeens uit het niets. 'Wat fruitkisten?', reageer ik. Ik kan hem even niet volgen. We doen al mijn gereedschap in die grote fruitteeltkisten en dan in één keer op transport. Dat is het! Ik bel meteen Sam, die weet vast wel hoe ik aan die kisten kan komen.' Zonder dat ik ook maar een woord kan uitbrengen, springt hij op om zijn oude maatje uit Driewegen te bellen. Na een tijdje staat hij weer naast me. 'Dat komt helemaal goed. Sam zal kijken of hij iets kan regelen.' Als we ons vervolgens bedenken hoeveel gereedschap uitgezocht en ingepakt moet worden, kijken we elkaar een beetje vreemd aan. We realiseren ons dat er maar één oplossing is: We gaan naar Nederland...!!!???

'En waar gaan jullie allemaal naar toe? Madurodam? De Keukenhof? Zaanse schans?', vraagt Cathy met een paar pretoogjes. Ondertussen is ze bezig met haar boodschappenlijstje voor Nederland. Want het is waar, als je niet meer in Nederland bent, ga je oerhollands eten missen (ook al lust je het niet). De pindakaas, hagelslag, gestampte muisjes, drop en oude kaas staan dan ook pompeus bovenaan haar lijstje.

De volgende dag hebben we onze rugzakken ingepakt en zijn we klaar voor vertrek naar het vliegveld. Aangezien het slechts om een paar daagjes regelen gaat, hebben we besloten om onze minitrip zoveel mogelijk voor ons te houden. En dan, na nog geen vier uur vliegen zijn we opeens weer in Nederland beland. Er is hier helemaal niets veranderd, denk ik een beetje verbaasd bij mezelf. Logisch natuurlijk, want wat moet er veranderd zijn. Maar na twee dagen, is het me duidelijk. 'Weet je?', zeg ik tegen Manu als we door het Zeeuwse landschap rijden. 'Het lijkt net of we nooit weg zijn geweest. Of de afgelopen vier maanden nooit bestaan hebben.' 'Ja gek hé, het lijkt net alsof we nog moeten vertrekken.' reageert hij bevestigend. Als Manu na een paar dagen vier grote fruitkisten met al zijn gereedschap heeft gevuld en ik de laatste administratieve rompslomp van Nederland heb afgehandeld, zijn we klaar voor onze terugkeer. We gaan weer verder met onze reis, terug naar (onze tussenstation) Kreta. Als we door mijn ouders op het vliegveld van Brussel worden afgezet, zijn we vier uur later weer op Kreta. Het is avond, zonnig en warm en je kan de bergen ruiken. Als we met Georgios in de auto naar Ierapetra rijden, galmt de Griekse muziek hoogmoedig uit de boxen en manoeuvreren we ons met vlieg en kunstwerk door het Griekse verkeer. We kunnen onze lach niet inhouden, wat een wereld van verschil met een paar uur geleden. Wanneer we in het donker aankomen, krijgen we de boodschap van Cathy en Georgios 'We gaan Raki drinken', want als hier de avond is begonnen, is de dag nog lang. En zo proosten we even later op onze terugkomst. We praten, eten en drinken en het lijkt net of we nooit weg zijn geweest...

... ONS stukje paradijs op aarde!

Voor de nieuwsgierigen (speciaal Charlotte!!) die de laatste twee foto's van het kappersverhaal onthouden hebben.... Hierbij eindelijk het antwoord!!!

'Nee, niets gaat boven de vallei van Orino.' zeggen we uiteindelijk vastbesloten tegen Georgios als we zo'n tien stukken grond en huizen rond Ierapetra hebben bekeken. We zijn verliefd geworden op dit stukje Kreta. Het lijkt net de Franse Côte d'Azur van zo'n twintig jaar geleden; nog geen vijf minuten van de kust, midden in de bergen, tussen de olijfbomen, de geur van dennenbomen en kruiden en alleen het geluid van krekels. Het is voor ons meteen klaar als een klontje, als we iets kopen is het hier!

Hoewel we ons de eerste weken tijdens het reizen helemaal niet met de crisis bezig hebben gehouden, heeft deze ons nu doen besluiten om een deel van onze liquiditeiten op de bank om te zetten in iets tastbaars. Met Georgios, die hier op Kreta alle wegen kent en ons zijn hulp aanbiedt, is alles snel geregeld. Binnen de kortste keren hadden we de juiste grond gevonden, de koop rondgemaakt en was het papierwerk klaar. De notaris zat te wachten wanneer we langs konden komen om te tekenen... Ik heb wat woningen laten passeren tijdens mijn banktijd in Nederland, maar ik heb ik mijn ogen uitstaan kijken hoe hier alles in zijn werk gaat; een compleet nieuwe wereld!

En zo zijn we weer grondeigenaren! Maar nu van zo'n 110 olijfbomen op een stuk grond van ruim 5200 m2 op Kreta. Dus wie een vakantiebaantje rond december zoekt: Vacatures te over; Welkom bij Heidi en Manu om olijven te oogsten!!! We zijn verliefd op ons nieuwe stukkie grond, maar er (nog?) niet mee getrouwd. Dit houdt in dat we zeker nog verder willen reizen en andere landen willen bezoeken en niet per definitie hier blijven. We vragen een bouwvergunning aan voor de grond en we gaan waarschijnlijk ook bouwen. Maar ondanks dat, blijft voor ons alles open. Misschien verkopen we het weer, misschien gaan we er een tijdje zelf in wonen, of blijven we hier (na het reizen?) voor langere tijd. We weten het nog niet, en we hoeven het ook niet te weten. Het is en blijft één grote reis!

Français

Nous sommes restés deux semaines chez la cousine d'Heidi (Cathy), nous voilà repartis à la conquête de la Crète pour deux semaines. Puis, nous repassons chez Cathy et sa famille pour fêter Pâques. Nous voilà partis en direction de Rethimno avec notre campingcar qui nous a tout de même manquer ces quinze jours car nous prenons l'habitude de ne pas dormir toujours au même endroit/lieu. CRAQUE,CRAQUE je regarde Heidi et je lui dis 'Ce n'est pas un bruit normal.' Nous voilà arretés au bord de la route et nous constatons le désastre, le chassis du pick-up a cedé pour la deuxieme fois. Peut-être que le pick-up a peur de la Turquie ou de l'Iran!!! Nous prenons contact avec Georgios (le mari de Cathy) qui nous demande où nous sommes. Nous lui répondons 'à 3km de Timbaki.' Il me dit 'Pas de problème! Tu roules encore 2km et sur ta droit il y a un garage Nissan, c'est à mon copain. Nous voilà partis en direction du garage. Nous sommes acceuillis par Manousos, qui nous prête une voiture pour repartir en direction d'Ierapetra. Nous reprenons l'appartement que nous avons quitté, il y a peine deux jours. Nous sommes un peu confuses; est-ce que le voyage s'arrête ici en Crète? Nous ne pensons pas parce que mentalement nous avons pris le qoût du voyage. Nous faisons répatrier le campingcar à Ierapetra. Je depose la cellule amovible sur la plage de Koutsounari, puis le pick-up au garage Nissan où ils vont pouvoir souder le chassis. Nous reprenons possession de notre maison, vu sur la mer, endroit magique! Nous marchons dix mètres et nous avons les pieds dans l'eau. Pour pouvoir se déplacer (car le délai de réparation est entre deux voir trois semaines) nous avons acheté une antiquité: une moto Yamaha Virago de 1996! Tous les jours 2 heures de fitnesse, baignade et ballade en moto; ça change des réparations de machine à laver, ça fait du bien, ça format le disque dur!. Nous fêtons Pâques avec toute la famille grecque sur la plage de Koutsounari, dans la taverne de Cathy et Georgios. Au menu michoui: une chèvre ,un cochon, un mouton et beaucoup de Raki (la goutte). Une très belle expérience de goûter à la culture grecque. Nous sommes tombés un peu amoureux de la Crète, et avec réflexion (crise économique) nous avons décidé d'investir dans un terrain. Après une recherche de trois semaines avec Georgios, nous sommes en possession de 5200 m2 d'oliviers dans la vallée d'Orino et à cinq minutes de la mer. Pour la récolte d'olives s'inscrire depuis maintenant!!!

... een stukje paradijs op aarde

'Als je de deur opendoet, dan kan je vanuit bed de zee horen, zien en ruiken.' merk ik verwonderd op. 'Dit is top! Wat wil je nog meer?' is de enthousiaste reactie van Manu. We zitten vast op Kreta en hebben momenteel alleen nog een afzetunit tot onze beschikking, maar voor ons gevoel zijn we gewoon het paradijs in gestuiterd! Ons blokje van nog geen 5 m2, staat midden op het strand. Als we naar links kijken, zien we strand. Als we naar rechts kijken, zien we strand. En als we 's ochtends wakker worden en onze tuindeur opendoen, dan lopen we na vijftien meter zo de zee in! We hebben water, elektriciteit en heel veel zon. Hier houden we het wel een tijdje uit, want ondanks een pick-up met gebroken chassis, en geen idee hoe en of we verder kunnen reizen, voelen we ons even de koning te rijk!

De pick-up staat bij de garage, want we hebben uiteindelijk besloten om de chassis helemaal te laten verstevigen. Zo kunnen we er in ieder geval de komende tijd (zonder unit) hier op Kreta nog mee rijden. En aangezien de reparatie wel een tijdje kan duren, kwam Manu opeens met een geniaal idee... 'Weet je wat we gaan doen?', zei hij zodra we merkten dat we echt immobiel waren. 'We gaan een motor kopen! Lekker een beetje toeren door de bergen en langs de kust. Dat is toch geweldig?' Hoewel mijn eerste reactie bij een hele enthousiaste Manu altijd temmen is, heb ik nu wel oren naar zijn idee. We kunnen momenteel geen kant op en een motor is ideaal op zo'n warm eiland als Kreta. Als we de volgende dag samen met Georgios op motorjacht gaan, zijn we er snel uit. 'We willen lekker oud en comfortabel.' Georgios kijkt ons aan of we niet goed snik zijn. 'Jullie willen toch geen troep kopen?' 'Nee, oud en degelijk. Maar in ieder geval niet snel en flitsend, die tijd hebben we gehad.' En zo viel onze oog op een oude shopper (Virago uit 1996 van Yamaha). Er moest nog wel het één en ander vervangen en gerepareerd worden, maar we kregen de toezegging van Michaelus de verkoper dat als er problemen zijn, we gewoon langs kunnen komen. Dus wij maken ons niet druk! Hoewel we in Nederland altijd geleerd hebben: bij een motor hoort een helm, zijn ze hier op Kreta niet zo van de verplichte combinaties. Hier voelen weinigen zich geroepen om een helm te dragen. Maar dan blijken we toch iets te Hollands/Frans te zijn. 'We kopen twee simpele helmpjes erbij, want zonder helm rijden is veel te gevaarlijk.' constateerde Manu. En zo zaten we opeens met ieder een witte ‘Joep Meloen helm' op de shopper. 'Om onze look compleet te maken, moeten we er eigenlijk stickertjes op plakken.' stelde ik Manu voor de lol voor. 'Goed idee!' luidde zijn antwoord. En zo rijden we nu met onze ‘eigenwijze' gestickerde helmen rond. De helm van Manu beplakt met stickers van het kinderspeelgoed Cars en ik zit achterop met een hoofddeksel vol vlindertjes. Onze imago vijzelen we er niet mee op, but who ‘Cars'!.......

Maar zoals eerder gezegd, er was nog veel meer te regelen...

Français

Enfin voilà des nouvelles en français. Maintenant que vous lisez courament hollandais, je reécrit en français car il me semble toutefois que certains ont des difficultés. Récapitulons; nous sommes toujours en Greece, mais pas sur la terre ferme mais sur une île qui s'appelle Crête.

Et oui après avoir longé la côte du nord au sud en quatre semaines, toujours sans vraiment de problèmes mécanique ou physique. Dans ces quatre semaines beaucoup de rencontres avec des Grecs ou avec des gens qui voyages comme nous. Pour le jour de mon anniversaire nous avons rencontré un couple d'anglais Marek et Issy. Nous avons sympatisé et passé la soirée au restaurant. Un peu exceptionnel de fêter ses 35 ans en Greece avec un couple que nous connaisons juste un jour. Que les Greqs sont chaleureux. On demande rien mais ils nous donnent tous, comme par exemple 5kg de sardines, 1 tablette de chocolat, 1 ltr huile d'olive, 1ltr de vin, 2 dorades, des oranges, des citrons et 1 ltr de goute. Peut-être que l'on fait un peu pitier ou ils ont un peu peur de ma tête avec une barbe à la mode de Benladen et une coupe de cheveux en petard. Après avoir reçu un coup de téléphone de Crete de la cousine d'Heidi qui habite en Crete depuis 8 ans, nous voilà parti pour cette destination. Nous prenons le ferry à Athene, nous partons à 21h et nous arrivons à 5 h à Heraklion. Puis encore 1h30 de route en direction Ierepetra. Nous somme très bien acceuilli par la famille. ils nous ont même préparé un apartement pour nous loger, Avec reflection nous ne pouvons pas réfuser cette offre. Nous desertons la cellule amovible pour amenager dans l'apartement, Quel luxe nous pouvons enfin prendre une grande douche chaude, en pensant toujours dans notre tête qu'il faut faire des economies d'eau car nous prenons vite des bonnes habitudes en campingcar, ou l'eau n'est pas à volonté. Après six semaines nos habitudes ont été pris en main par la machine à laver, que du luxe!

Wat nu?

We zijn begonnen aan onze tour langs de kust van Kreta. Als we de tweede dag lekker op het gemakje over de weg rijden, zie ik Manu opeens bedenkelijk kijken. Hij doet zijn zijraam open en steekt zijn hoofd uit het raam. 'Volgens mij zit er iets niet goed met de unit', zegt hij behoedzaam. 'Wil je even stoppen om te kijken?', vraag ik als check om te zien hoe serieus deze opmerking is. 'Ja, laten we maar stoppen', is direct zijn antwoord. Dit is dus serieus, denk ik bij mezelf. Als we dan bij de volgende bocht tot stilstand komen en allebei uitstappen, kijken we naar een akelig beeld van herkenning. Er gaapt een groot gat tussen de cabine van de pick-up en de afzetunit. We werpen een blik naar elkaar en Manu reageert als eerste, 'Dit is een Big problem.' Het enige wat ik antwoord is 'Ja, een Big, Big problem.' Meer zeggen is niet nodig, want de conclusie is door ons beiden meteen getrokken: de chassis is weer gebroken!

Het is haast te bizarre voor woorden, maar onze ‘tegenslagen' lijken op de meest perfecte momenten te komen. Toen in Nederland het breken van de chassis ineens uit de lucht kwam vallen, werd die gelukkig vlug opgevangen door een aantal vakmannen die ons geweldig te hulp schoten. En ook nu op Kreta, blijken we weer snel uit de ergste brand te zijn geholpen. Want als ik mijn nichtje Cathy bel, en vertel dat we plotseling weer in het bezit zijn van een zwaar invalide pick-up, komt ze snel ter zake. 'Waar zitten jullie?' Ik leg haar uit dat we zo'n 120 km van hen vandaan zijn en om precies te zijn 3 km van het stadje Timbaki. 'Als jullie nou 2 km zachtjes doorrijden dan zien jullie aan de rechterkant een Nissan dealer. Dat zijn vrienden van ons. Als jullie daar parkeren, bel ik Georgios ondertussen zodat hij iets voor jullie kan regelen.' Als we vijf minuten later in onze geknikte huis willen stappen om naar de dealer te rijden, belt Georgios al. 'Jullie kunnen bij de Nissan de camper parkeren. Manoussos de eigenaar, zal jullie een andere auto geven. Daar kunnen jullie in terugrijden. Ik heb ook de wegenwacht gesproken en die zullen één deze dagen de pick-up naar Ierapetra slepen.' Goh, dat is snel geregeld denken we als we na nog geen drie minuten rijden de Nissan dealer zien en zachtjes het terrein oprijden. Manoussos is intussen ook geïnformeerd en binnen een kwartier zijn we onze ‘knikhuis' aan het ontruimen en de auto aan het inladen. Een half uur later zijn we weer op weg naar ons startpunt, Ierapetra...

Al terugrijdend, zitten we er een beetje gelaten bij. Nu zijn we echt dakloos. Geen auto meer, geen huis meer. Alleen nog een inieminie inboedeltje in de kofferbak van deze wildvreemde auto. Als we dit gegeven op ons laten inwerken, moeten we er opeens vreselijk om lachen. Ach, we zien wel. En wat een mazzel dat we hier op Kreta zitten en niet op een berg in the middle of nowhere van India!!!

Uiteindelijk blijkt de chassis vlak onder de cabine gebroken te zijn, net waar de versteviging ophoudt, die in Nederland is bevestigd. We hebben nog geen idee wat we gaan doen. Waarschijnlijk repareren, maar het vertrouwen om met deze pick-up richting Azië te gaan is toch een beetje gesleten. Verder reizen willen we zeker, maar hoe en wanneer laten we nog even open, want er is nog veel meer te regelen op Kreta...