De Griekse kapper aan huis
'Efharisto', ik probeer Cathy en Georgios op mijn beste Grieks te bedanken als we op een avond richting bed gaan. Georgios ligt half op de bank en schudt van nee. Jeetje kwam het er zo beroerd uit, denk ik bij mezelf. Misschien de klemtoon veranderen. 'Efharistó' probeer ik opnieuw. 'Voor wat? Voor wat?' roept hij vervolgens. Opeens schieten er zoveel dingen door mijn hoofd, dat ik nog geen eens in staat ben om meteen te antwoorden. 'Het is toch heel normaal!' gaat hij een beetje verontwaardigd verder. Normaal? Denk ik bij mezelf, voor jou misschien ja, maar wij ervaren deze gastvrijheid als ‘unbelievable!'. Ik maak er vervolgens toch maar een simpele 'welterusten' van en we lopen zachtjes de deur uit. Als ik de deur achter me dicht trek, schiet me opeens te binnen: Ja Georgios, Bedankt! Bedankt voor het kaalknippen van mijn man!!!
We zijn weer in de bewoonde wereld, constateren we allebei een beetje verbaasd als we een paar dagen in Ierapetra zijn, het stadje waar mijn achternichtje Cathy met haar gezin woont. Het haar van Manu heeft zich tijdens het reizen ontsproten tot een krullige warboel. Gelukkig heeft de shampoo kunnen voorkomen dat het nog niet samengesmolten is tot mini dreadlocks. Zijn baardje, dat we eerst waardeerden als een mooi teken van ouderdom, heeft hier opeens een hele nieuwe dimensie gekregen. 'Ik lijk wel een soort Ben Ladin', fluistert hij een beetje onwennig in mijn oor. 'Ja, dat korte strakke koppie, stond een stuk vlotter', beken ik, al realiserend dat zijn nieuwe coupe er wel heel wild uitziet. 'Ik ga naar de kapper. Het gaat er allemaal af.' besluit hij vastberaden. Als Manu 's avonds aan tafel aan Georgios vraagt of hij een goede kapper kent, is deze snel gevonden. 'O geen probleem, ik knip je wel.' Manu valt in grote verbazing 'Kan jij knippen?' 'Ja, tuurlijk kan ik knippen. Das niet zo moeilijk. Heb ik zo voor je gedaan.' antwoordt Georgios laconiek. Manu zijn verbazing slaat direct over in lichte argwaan. 'Heb jij dan een kappersdiploma?' 'Ja hoor, een Griekse. Ik moet hem nog wel even uitprinten op mijn computer...' Manu begint te lachen en slaat het genereuze aanbod toch maar af. 'Laat maar, ik ga wel naar een echte kapper.' 'Ben je gek. Zonde van je geld. Dat hoeft helemaal niet, ik kan je knippen. Echt, ik heb je zo geknipt.' reageert Georgios. 'Ja hoor', valt Cathy hem bij, 'Zonde om hier naar de kapper te gaan. We hebben alles; spiegel, tondeuse en kapperschaar.' Als Manu twijfelend van het ene strakke gezicht, naar het andere kijkt, is hij om. 'Oké', zegt hij vastbesloten 'Knippen jullie maar. Het ziet er toch niet uit. En als het mislukt, kan ik het altijd ‘bij laten knippen' bij een echte kapper.' In een stoet lopen we vervolgens met zijn vieren naar de badkamer. De kappersstoel wordt geïnstalleerd, de tondeuse geprepareerd en Manu even gemasseerd. Georgios kan aan het werk! Met ferme hand begint hij Manu over zijn achterhoofd te scheren. Er vallen langzaam wat losse plukken op de grond en als ik na zo'n tien minuten langs Manu's hoofd naar Georgios kapperswerk gluur, schrik ik me te pletter. Op Manu's achterhoofd zie ik een paar losse plukken hangen omsingeld door een paar kale plekken. 'Ooohhh', flap ik er vol ongeloof uit. Ik kijk Manu aan, die zijn blik op mijn gefixeerd heeft en zo ieder detail van mijn gezichtsuitdrukking kan ontcijferen. 'Dit gaat niet goed' sein ik naar hem in gebarentaal. In één klap is voor Manu de lol van heel het kappersavontuur over. 'Ho, ho, ho, wel een beetje netjes hé', is zijn eerste poging om zijn bezorgdheid te uiten. 'Maak je niet druk. Het wordt super!', reageert Georgios afwimpelend en scheert zonder blikken of blozen geconcentreerd door. Als Cathy ondertussen haar kappersschaar gevonden heeft, blijkt ook zij de smaak te pakken te hebben. 'Ik kan het boekje met de basishandelingen niet meer vinden, maar volgens mijn weet ik het nog wel.' En ze heeft als een speer de bovenkant van Manu's hoofd als doelwit genomen. Zo zitten Georgios en Cathy een dikke twintig minuten druk en uiterst geconcentreerd aan Manu's haar te friemelen terwijl er maar af en toe een plukje op de grond valt. Als ik daarna opnieuw een blik op zijn achterhoofd waag, heb ik de grootste lol. Georgios heeft een waar kunstwerk aan de achterkant geschoren dat direct in een museum geplaatst kan worden, maar waar je niet onopvallend mee op straat loopt. Manu trekt door mijn gelach wit weg en vraagt nerveus of hij een spiegel mag. Als hij het resultaat ziet, roept hij 'Maar dat moet veel korter!' Hij neemt de tondeuse zelf in handen en gaat er aan de zijkanten als een gek mee te keer. Dan kan ik mijn lach helemaal niet meer stoppen. Al bijna een uur zit Manu in de Griekse kappersstoel, druk onder (vier) handen genomen, en nu is hij zelf ook nog zijn bijdrage aan het leveren. Als Georgios drie minuten naar Manu's scheerbewegingen zit te kijken, pakt hij de tondeuse weer over. 'Ohh, wil je het zo. Geen probleem. Zo kan het ook'. En hij gaat weer in opperste concentratie aan de slag. Als ik de Griekse kapsalon even laat voor wat het is, en na een half uur weer naar binnen treed, is Manu geknipt en geschoren. Tot mijn verbazing ziet het er echt goed uit. De paar ‘creatieve hapjes' maken het kapsel zelfs speels. 'Niet mijn visitekaartjes uitdelen op straat hoor', waarschuwt Georgios. 'Dan krijg ik het te druk, daar heb ik geen tijd voor.' 'Jawel', reageren we, 'we hebben op onze computer nog kaartjes; alleen even uitprinten met de volgende tekst: Gratis knipbeurt bij kapper Georgios. Daar wordt nog de tijd voor u genomen en krijgt u waar voor uw geld!
Het kappersgebeuren was even een huiselijk tafereel op Kreta. Ondertussen zijn we alweer een dikke twee weken op het eiland. De natuur is mooi, het klimaat super en het is lekker relaxed. Een week later dan in Nederland is het ook hier Pasen. En aangezien dit groots gevierd wordt (het is in Griekenland nog belangrijker dan Kerstmis) hebben we besloten om dit met Cathy, Georgios en de kinderen te vieren. Dus we blijven tot Pasen zeker nog op Kreta. Maar eerst zullen we nog enkele dagen een rondje over het eiland maken met onze camper.
Elke visser zijn eigen tactiek
Zoefff, suist het langs mijn oor als Manu voor de zoveelste keer zijn hengel naast me uitgooit. 'Niemand is hier aan het vissen. Het is veel te ondiep. Er is helemaal geen vis.' constateert hij geërgerd. Even later is zijn geduld op en pakt hij in één keer heel zijn hengeluitrusting in. 'Kom', vervolgt hij 'we gaan met de camper aan de andere kant van de haven staan. Daar staan allemaal vissers. Daar is vis.' 'Oké, prima' reageer ik, alwetende wat het vervolg gaat worden. We pakken ons boeltje in en rijden naar de andere kant van de haven.
We staan aan de andere kant van de haven. Zoefff, suist het langs mijn oor als Manu voor de zoveelste keer zijn hengel naast me uitgooit. 'Ze bijten niet. Er zijn te veel golven.' Ik onderdruk een zucht en als ik daarna een paar keer opzij blik, zie ik dat de vissers naast ons meer ‘geluk' hebben. Manu heeft het ondertussen ook in de gaten en springt op. 'Ik ga kijken hoe zij het doen. Ik ben zo terug'. Hij schuifelt langzaam langs onze ‘buurvissers' en bespiedt hun tactiek. Na een kwartiertje komt hij terug. 'Ik weet het. Ze happen niet want mijn aas is een plastic nep visje. Iedereen vist met echt aas'. Hij duikt vervolgens in de koelkast van de camper en stapt daarna resoluut naar buiten. 'Dit gaat werken!', lacht hij overtuigd.
Zoefff, suist het langs mijn oor als Manu voor de zoveelste keer zijn hengel naast me uitgooit. Door zijn nieuwe aas, in kleine stukjes gesneden sardienen, stinkt het bij ons opeens naar vis zonder dat er nog maar één gevangen is. Met zijn nieuwe tactiek verdwijnen drie hele sardienen langzaam als aas in het water.. 'Ik dacht altijd dat je bij vissen het vis uit het water haalt en niet in het water gooit.' merk ik al fronsend op. 'Je hebt gelijk. Ik stop ermee. Ik ben er klaar mee.' En hij pakt in één keer zijn hengeluitrusting in. Hij gaat vervolgens ‘relaxed' een sigaretje roken en houdt zo spiedend de rest van de dag de andere vissers nauwlettend in de gaten.
Als we voor het slapen gaan nog een rondje door het dorpje lopen, zien we opeens een oude visser die er echt handigheid in lijkt te hebben. Manu rent half op de oude man af en roept ondertussen naar me 'Vraag eens wat voor aas hij gebruikt.' Als ik ook bij de man aankom en het hem netjes vraag, krijgen we tot mijn schrik een wel heel uitvoerige uitleg. 'Look', zegt hij en pakt een groot stuk brood uit zijn jaszak. Hij stopt het in zijn mond en begint er lekker op te sabbelen. Na een uitgebreid herkauwproces toont hij ons trots het resultaat; een sappig brooddrapje. Hij houdt het zo goed onder onze neus, dat we geen detail missen van de staat van ontbinding, waar het brood zich dan in bevindt. Als ik het zie, draait mijn maag drie keer om en heb ik al gegeten en gedronken. Ik weet er met moeite nog net een geïnteresseerd glimlachje uit te persen. Manu daarentegen roept geheel opgewonden oohhh en aahhh en steekt er bijna zijn neus in! Door het enthousiasme van Manu kneedt de visser vervolgens met extra zorg het drapje om de haak. Ik heb het gehad voor vandaag met heel het visgebeuren. Het komt mijn oren, neus en nu ook bijna mijn mond uit, dus zeg ik vriendelijk welterusten en druip af naar ‘huis'. Manu verwacht ik de komende uren maar niet, aangezien hij in extase is van zijn nieuwe bron van viskennis. En gelijk heb ik. Als ik bijna in diepe slaap val, vliegt de deur in één ruk open. 'Geweldig!', roept Manu 'die man kan vissen! En weet je wat hij ook als aas gebruikt? Chicken!!!.' 'Wat? Kip? Vist hij met kip??? antwoord ik verbaasd. Manu stormt alweer naar buiten om bij de oude visser te kijken. Vissen met kip, denk ik bij mezelf, waar gaat het heen met deze wereld en draai me om om mijn diepe slaap weer te vinden. Als Manu een half uur later opnieuw terugkomt, bungelen er opeens twee verse vissen boven het bed. 'Kijk', zegt hij trots, 'versere vis dan dit kan niet! Die heeft de oude visser net uit het water gehaald. Die heeft hij mij gegeven. Hij zegt dat het de beste vis is die er is. Schat, morgen eten wij verse vis!'
Ik heb toch wel een hele aparte visser; vangt zelf niets, maar komt met de mooiste en lekkerste vis thuis. Wat een tactiek!
Tuut, telefoontje uit Kreta. Na een dikke vijfentwintig jaar elkaar niet gezien en gesproken te hebben, heb ik mijn achternichtje Cathy aan de lijn. Ze woont al enkele jaren met haar gezin op Kreta. 'Als jullie zin hebben, kunnen jullie altijd langskomen', vertelt ze me. Zo'n lief aanbod willen we niet aan ons voorbij laten gaan. We hebben tot nu toe aan de Griekse cultuur mogen ruiken, maar wat is er mooier om het daadwerkelijk te beleven? Dus.. We gaan naar Kreta!!!
Een race wedstrijd tussendoor
'Ik heb geen idee waar ze op wachten', zegt Manu als hij vanuit onze huiskamerraam naar buiten kijkt. We staan in een klein rustig stadje aan de haven met een hele grote parkeerplaats. We hebben net ons avondeten naar binnen en Manu heeft informeel de taak van parkeerwachter op zich genomen. Al spiedend door het raampje houdt hij strak in de gaten wie er komt en wie er weggaat uit 'onze haven'. Al langer dan een half uur staat een groepje jongens met hun opgepimpte auto's een paar meter achter onze pick-up te drentelen. 'Geen idee wat ze doen', zegt Manu nog eens peinzend. Het antwoord kwam in de loop van de avond. In Griekenland hoef je geen Amerikaanse B-films te huren. Nee, hier live te volgen op de openbare weg: streetracing!
Gedurende een uur schaarden zich steeds meer auto's achter onze pick-up. Sommige kwamen al racend, andere al scheurend en weer andere al stuiterend door de harde zwarte rapmuziek die uit de ramen knalde. Al het lawaai gaf me het gevoel dat de bestuurders waarschijnlijk niet gezellig voor een drankje aan de bar bijeenkwamen. 'Met hoeveel zijn ze nu?' vroeg ik aan Manu, toen ik voor de zoveelste keer een paar piepende banden tot stilstand hoorde komen. 'Ik denk zo'n stuk of veertig, vijftig auto's', zei hij al schattend. WAT? dacht ik bij mezelf en loerde direct mee door het raam. 'Die gaan straatracen!', concludeerde Manu en rende naar buiten. Getverdemme dacht ik en strompelde achter hem aan. In de deuropening stond ik oog in oog met de grootste ‘tuning wagenpark', die ik ooit in mijn leven heb gezien. Daaromheen zo'n zeventig opgeschoten Griekse jongens die daar stonden te roken, te fluisteren of al bellend de havenpolitie in de gaten te houden, die steeds langs kwam rijden, maar ook niet meer deed dan dat. We tuurden samen even de menigte af om te checken of dit schouwspel bedreigend op ons overkwam. We waren namelijk wel de enige in de haven die helemaal ingekapseld waren door ‘tuningbommetjes' met daarbij al hun opgeschoten inzittenden. 'Nou schat, dat wordt niet slapen vannacht. Ik weet zeker dat ze precies langs onze pick-up gaan racen.' zei Manu. Mijn fantasie sloeg meteen op hol en ik zag al hele Amerikaanse scenario's voor me. Dat ze te laat zouden remmen, de macht over het stuur zoudenkwijt raken en zo onze pick-up, het enige obstakel wat in de haven te rammen valt, in gruzelementen zouden rijden. 'Misschien ergens anders gaan staan?', probeerde ik aarzelend. 'Ik weet niet', zei Manu, 'Ik wil het eigenlijk wel zien'. 'O',was het enige antwoord wat ik eruit kon krijgen, aangezien ik niet voor mietje wilde doorgaan. Stoer willen reizen, maar zodra er iets dreigt te gebeuren snel de benen nemen, daar voelde ik me toch iets te groot voor. 'Ga maar naar bed als je wil, ik blijf wel buiten'. Nee, nou wil ik het zien ook, dacht ik bij mezelf. Ikging naar binnen, maar ook met het plan om weer naar buiten te komen als de herrie zou beginnen. Na een kwartier wachten, hoorde ik het lawaai nog steeds niet toenemen en vroeg me af of er überhaupt iets ging gebeuren vanavond. Na twintig minuten lag ik letterlijk te stuiteren in de unit. Een box ter grootte van een Smart kwam langs rijden met de laatste Griekse rap. De wanden van de unit begonnen te vibreren en ik waande me plotsklaps op een trilplaat. Ik schudde letterlijk op de bank heen en weer op de maat. Ik zei stilletjes mijn nachtrust vaarwelmaar begon na een tijdje het hele scenario al gewoon te vinden. Totdat er opeens twee auto's als een gek wegreden en zo'n dertig seconden daarna bijna iedereen volgde. De uittocht duurde nog geen tien seconden en het parkeerterrein was opeens zo goed als leeg. Ik keek Manu vragend aan. Hij haalde zijn schouders op als teken dat hij er ook geen touw aan vast kon knopen. Ik liep naar de drie resterende Minicoopertjes en vroeg de jongens wat er gaande was. 'Ik dacht dat jullie hier zouden gaan racen'. Het klonk haast teleurgesteld. 'Nee, twee auto's doen wedstrijd verder op de gewone weg. Daar is het lang en recht. Goed voor racing. Nou, goodnight' en vroemmmm weg waren ze. Daar stonden we dan, verlaten en alleen, klaarwakker met op de achtergrond het geluid van brullende motoren. 'Wacht maar, die komen terug', zei Manu vermoedend. Alleen het ‘box Smartje' stond nog op de parkeerplaats, die kon het waarschijnlijk wel qua geluid, maar niet qua snelheid volgen. Na een stilte van tien minuten kwam de hele stoet weer met een rotgang aangeblazen. Game over! Het feest was voorbij! De race, waar zo'n drie uur op werd gewacht, nog geen tien minuten duurde en een gezamenlijke nabespreking kende van vijf minuten, was weer binnen enkele seconden vervlogen, toen iedereen weer in zijn bommetje stapte en ons verbaasd in de leegte achterlieten. Misschien toch een film gaan huren...
(Dit was even tussendoor. Binnenkort het vervolg van onze reis met foto's.)
Bagdad in Albanie!
Katakolo; waypoints: N37 38.953 / E21 19.099; totaal aantal gereden km: 5603
'Wat doen jullie nou hier?' vragen twee mannen in een Italiaanse Defender vol verbazing. 'We rijden naar Griekenland', antwoorden we. We doen net alsof we het zelf de normaalste zaak van de wereld vinden. De avond begint te vallen en we rijden midden in de bergen. Als we vijftien kilometer per uur rijden gaat het echt heel snel. Hobbelend en bobbelend, schommelen we heen en weer op en neer, door de kraters van de 'weg'. We zijn in Albanië!
De Siberische taferelen in Kroatië waren de druppel. Hoe mooi ook allemaal, het weer moet toch wel een heel klein beetje meewerken. Dus dachten we; vlug door naar Griekenland! Het ging ook nog aardig vlug, totdat we in de bergen van Zuid Albanië aankwamen... 'Griekenland? Dat gaan jullie nooit meer redden.' zegt de bestuurder van de Italiaanse Defender. 'Nee, dat denken wij ook niet', bevestigen we, als we onze ogen nog eens over het 'wegdek' laten glijden. Bashkim, de bestuurder, blijkt een Albanees te zijn die jaren in Italië heeft gewoond. Mauritzio, zijn bijrijder is een vriend uit Verona. Later op de avond zitten we met zijn vieren in een restaurant verse Albanese vis te eten. 'Grappig eigenlijk', merkt Mauritzio opeens op, 'midden in de winter, in een godverlate dorpje in Albanië, zitten vier mensen van vier verschillende nationaliteiten in drie verschillende talen met elkaar te communiceren, en hoe gezellig!'. Dat was het deze avond zeker! Als we na het eten met de Defender nog ‘downtown' gaan voor een kopje koffie, giert Bashkim het bij elke hobbel en bobbel uit 'Bagdad, Bagdad! Wegen als Bagdad in Albanië!'
Als we de volgende ochtend in onze running outfit voor de camper staan om een rondje te rennen, kijkt Bashkim ons ontzet aan. 'Gaan jullie hier rennen? Hier in Bagdad van Albanië?' ' Ja hoor, waarom niet?' antwoorden we. 'Rennen is hier minder zwaar dan rijden!' En zo zigzaggen we vervolgens door een vaag dorpje in Albanië. Na deze unieke ervaring zetten we onze reis voort naar Griekenland. En daar worden we verwelkomd door de zon, de sinaasappelbomen en een Duits stel die al vier jaar met hun camper onderweg zijn. We staan alleen met hun op een strandje op een heel klein schiereilandje met gratis elektriciteit en water, hoe krijgen we het gevonden!
Hoe vredig kan de wereld lijken.. totdat er een aantal Griekse vissers met hun bootjes arriveren en op onze pick-up afkomen. Ze lopen er argwanend omheen, kruipen er onder en blijven ernaar staren. Dan barst de discussie los. We verstaan er geen klap van! En vragen maar 'problem, problem?' Een jongen legt uit dat zijn vader graag wil weten hoe het met de bladveren, schokdempers en chassis van de pick-up zit. Manu wordt enthousiast en begint met handen, voeten en wat losse kreten heel de pick-up aan ‘vader Griek' uit te leggen. ‘Vader Griek' is bijna niet meer te stuiten, want wat blijkt; hij heeft ook een afzetunit voor zijn pick-up! Na de hele pick-up discussie informeert Manu nog even naar de visvangst. 'O, niet echt veel. Kijk! Hier, neem wat vis. Voor jullie!' ‘Vader Griek' haalt een plasticzak en we krijgen levende vis en inktvis in onze handen gestouwd. 'Jouw vrouw maakt vis wel schoon', zegt vader Griek tegen Manu. 'Ja, ja', denk ik bij mezelf, 'ik dacht het niet', en heb de grootste moeite om de spartellende zak in bedwang te houden. Als toetje krijgen we nog vaders huisgemaakte eau de vie, en dan taaien de Griekse vissers af. Als Manu met wat instructies zijn ‘vangst' met een hoop geklieder heeft schoongemaakt (let op! inktvis), verdelen we onze verse buit met onze Duitse buren.
Na enkele dagen duiken we verder Griekenland in en bezoeken het eiland Lefkada, het al oude Olympia en we genieten, want we hebben al een hele week een strak blauwe hemel. Het is hier lente!
Persoonlijk berichtje voor iedereen: we zijn heel blij met alle reacties die we krijgen! Jammer genoeg kunnen we moeilijk persoonlijk antwoorden. Hopelijk weerhoudt jullie dat er niet van om berichtjes te blijven sturen, want elke keer als we onze weblog bijhouden, kijken we met spanning uit naar de reacties die verstuurd zijn. Het doet ons goed dat jullie zo met ons meereizen! Liefs Heidi en Manu.
Français
Qu'est ce que vous faites ici? Nous demandent deux hommes dans un Defender avec une plaque d'immatriculation italienne. Nous leur répondons tout simplement que l'on va en direction de la Grèce. Un peu surpris de voire une voiture étrangère en Albanie, ils nous répondent qu'il y a encore trois heures de route pour rejoindre la frontière Grècque. Il est déjà 18h et la nuit commence à tomber sur la côte d'Albanie. Ce n'est pas trop prudent de rouler dans la nuit avec des routes pareilles (vitesse de croisière 15 km/h, un peu nostalgique, ça nous rappelle les routes du Népal). Le conducteur se présente, 'Je m'appelle Bashkim et je suis Albanais et mon ami Mauritzio est Italien. Nous allons passer la nuit dans un petit hotel à dix kilomètres d'ici. Si vous voulez, vous pouvez passer la nuit sur le parking de l'hôtel. Il n'y a pas de problème, car je connais tès bien le propriétaire. En début de soirée, nous voilà, que les quatres à table dans une grande salle à manger devant une montagne de poissons frais dans nos assiettes, Mauritzio nous dit: 'C'est marrant, nous sommes de quatre nationalités différentes, en hiver, et au milieu de nul part'. Après avoir rempli nos ventres, Bashkim nous propose de boire le café au village. Nous, voilà partis, les quatres dans son Defender et Bashkim crie: 'Bagdad, Bagdad! Vous avez vu? Les routes d'Albanie ressemblent à Bagdad!' Le lendemain après avoir passé une super soirée, nous déboulons dans dans la salle à manger de l'hôtel en tenue de jogging. Bashkim stupéfait, nous demande 'vous allez courir ici? Ici, en Bagdad d'Albanie?' 'Oui on pense que courir va plus vite que de rouler!' Après cette expérience unique (ah oui, en fait: en Albanie, ils sont les rois de la station service, à peu près tous les deux kilomètres. Et les rois de la Mercedes!). Nous repartons pour la Grèce, où nous sommes acceuillis par les oliviers, les orangers, le soleil et un couple allemand, qui eux sont en vadrouille depuis quatre années. Nous nous sommes installés sur une plage avec de l'eau et de l'électricité gratuits; quelle chance! Dimanche, au petit matin, un défilé de pick-ups tractant de petits bateaux de pêche, nous reveille avec un ciel bleu comme la mer. En revenant d'une ballade de deux heures. J'aperçois un grec couché sous notre pick-up. Il se relève en nous demandant s'il nous appartient. Je lui confirme sa question. Il me dit qu'il était curieux de voir mon système de suspension car, il a la même cellule amovible! Nous compatissons, puis je lui demande si la pêche a été bonne. Il nous montre ce qu'il a pêché. Il prend un sac plastic et nous donne quatre gros sardines et quatre octopus et puis pour finir 1 litre de niole de frabrication maison. Avec quelques instructions je me suis lancé dans le nettoyage du poisson. Il faut faire très attention car dans l'octopus il y de l'ancre, encore une expérience unique! Nous partageons les poissons avec nos amis allemands, puis le lendemain nous reprenons notre route en direction Lefkada (une petit île) et de l'Olympia dans un temps de printemps!
Message personnel pour tout le monde: on est très content de recevoir vos reactions! Malheureusement, il est difficile pour nous de répondre à vous tous. Pourtant, nous ésperons que vous continuez d'envoyer des messages sur notre blog. Car chaque fois que nous mettons nos histories, on est curieux aux reactions placées. Merci de voyager avec nous, cela nous fait du bien! Gros bisous, Manu et Heidi.
Siberische taferelen in Kroatie!
Dubrovnik; waypoints: N42 38.002 / E18 08.286; totaal aantal gereden km: 3131
Na de laatste windvlagen, komt gelukkig het lang gewenste kalme weer met een lekker zonnetje. Voornemen: we bezoeken nog een Kroatisch eiland voordat we Dubrovnik aandoen en dan gaan we de grens over naar Montenegro.
Na een dikke twee weken kan de deodorant onze stinkende kleren niet meer verdoezelen en komen we tot de conclusie dat we eerst moeten wassen. We hebben een alternatieve, ‘super coole' camping gevonden die eigenlijk gesloten is, maar niet voor ons! We worden overal gratis van voorzien: plek tussen de palmbomen, water, elektriciteit, we geven een tas met vuile was mee aan Armin een medewerker van de camping, die ons toevertrouwd dat zijn vrouw thuis de hele boel voor ons gaat wassen. Lekker 'chillen' bij de palmbomen aan het strand, een rondje rennen langs de kust: wij zijn helemaal in ons element.
Maar hoe kan het ook anders, de volgende dag regent het. Armin komt met ons heerlijk ruikende schone was aan, maar... kletsnat.. 'Sorry, maar het droogt niet buiten. Jullie moeten het zelf drogen'. 'Geen probleem', antwoorden we, allang blij dat onze kleren schoon zijn en we van zoveel gastvrijheid mogen genieten. We hangen de hele camperunit vol met sokken, ondergoed, t-shirts en jeans. Naar de wc gaat niet meer, dus buiten plassen, want de jeans hangen in de badkamer, de sokken en ondergoed voor de ramen van de huiskamer, de handdoeken boven het bed in de slaapkamer en het ondergoed aan de kast in de keuken. Wat een luxe zo'n droger!
Als we na een nachtje sauna de volgende ochtend wakker worden voor vertrek, schrikken we ons een hoedje als we naar buiten kijken. De palmbomen zijn verdwenen onder een dikke pak sneeuw! Het dorp is in rep en roer, 'Hier nooit geen sneeuw', roept de verkoopster van de buurtsuper. 'Alle kinderen zijn vrij, geen school vandaag, want hier sneeuwt het nooit!.....' Als we Armin bedanken voor zijn goede zorg en weg willen rijden richting Dubrovnik, waarschuwt hij ons lachend 'Catastrophe in the Mountains'. Ach, we zijn wel wat gewend, denken we na Italië...
Italië? Italië was een lachertje vergeleken met sneeuw in Kroatië. Ik weet niet wat we met het weer hebben, maar de sneeuwstormen vliegen om onze oren. De pick-up kan de meters sneeuw op de weg maar net behappen, en Manu doet daar nog een schepje bovenop met zijn eigen gecreëerde cursus waar ligt de (sneeuw)grens van mijn pick-up. 'Manuuuu, dit is ons huis! Niet mee spelen!' roep ik schijterig en bekijk het landschap met mijn ogen dicht.. In Dubrovnik zal er vast geen sneeuw meer liggen denk ik... zo aan de kust...
Dubrovnik: we zitten muurvast, de sneeuwstorm heeft alle wegen geblokkeerd. Na drie uur stilstaan in de file, besluiten we langs de kant van de weg te parkeren, en een wijntje in de unit te gaan drinken. 'Voor ons is het geen probleem om te rijden. Maar de kans dat er een Kroaat tegen ons aanglijdt, is te groot', concludeert Manu zakelijk. De auto's komen de hellingen niet op en glijden als botsautootjes naar beneden. Bang, tegen de vangrail! Bang tegen elkaar! Alles staat uren muurvast en mensen verlaten hun auto en gaan lopen. 'Het lijkt wel Siberië', zeggen we tegen elkaar. Het wordt pikkedonker en na acht uur zonder enige voorruitgang op de weg, besluiten we maar naar bed te gaan en te gaan slapen. De volgende de dag zien we uiteindelijk Dubrovnik; onder de zon én onder de sneeuw. Mooi maar we willen verder, Montenegro en Albanië wachten op ons!
Français
Après avoir subi de très violent vent, le temps se calme et le soleil est au rendez-vous avec une mer platte comme une galette. Les temperatures ont remonté de 10 degrès. Nous décidons de visiter une île à soixante kilomètres de Dubrovnik. Nous trouvons un camping dans un petit village qui est en cours de rénovation. Nous nous arrêtons pour demander si le camping et ouvert. Armin nous répond qu'il est fermé, mais que si on veut on peut camper gratuitement et qu'on peut se brancher à l'électricité et à l'eau. Nous lui demandons s'il y a une laverie au village, car les odeurs se font ressentir après trois semaines de voyage. Il nous rèpond qu'il n'y a pas de laverie mais que si on lui donait nos habilles, il les fera laver par sa femme. Il est vraiment gentil Armin, nous le connaissons depuis cinq minutes et il est si aimable. Le lendemain matin nous partons courir le long de la mer avec une chance inouï de ne pas se lever pour aller au travail. Dommage, en fin de l'après-midi il se remet à pleuvoir. Armin nous raporte notre linge qui doit encore sécher, mais avec de la pluie ça va être très difficile. Nous décidons de pendre le linge dans notre maison. Nous passons la nuit dans un gros seche linge; nuit un peu humide !!!!! Au réveille, la première chose que je fais, est de regarder le temps. Puis, Heidi me regarde et me demande 'Le ciel est bleu?' Je lui réponds qu'il y a un peu près 60 cm de neige! Incroyable, de la neige en Croatie! Nous décidons quand même de partir en direction de Dubrovnik. Armin nous dit 'Catastrophe! Catastrophe! à 2 km du village 80 cm de neige!' Je lui réponds 'Pour nous, il n'y a pas de problème. Nous avons déjà testé le vehicule en Italie.' Il rigole et doit penser 'ils sont fous ces francais de partir avec autante de neige.' Arrivés à Dubrovnik ce n'est plus la Croatie, mais la Siberi! Gros problèmes de traffic. Accidents tous les 500 mètres. Voitures, percutant les barrières de sécurité. Nous décidons de nous garer sur une aire de pic-nique, car nous avons peur que quelqu'un nous percute. Il fait 21 dégres dans la cellule et à l'extérieure -7. Avec un verre de vin nous observons tous les Croates abodonner leur vehicule pour renter à pied chez eux. Le lendemain, nous visitons Dubrovnik sous un ciel bleu mais avec 35 cm de neige, jamais vu!! Puis, nous prenons la direction du Montenegro et de l'Albanie.
Zwaar geschu(d)t in Kroatie
Trpanj; waypoints: N43 00.210 / E017 17.146; totaal aantal gereden km: 2923
'Gondola, gondola', horen we op iedere hoek van de straat. 80 euro voor 40 minuutjes in een bootje zit niet in ons budget, en gelukkig maar..!. Na een zalige middag slenteren in Venetië, verruilen we de Latijnse wegen voor Slavisch grondgebied, we vertrekken naar Slovenië!
Met ons parapluutje snellen we een bakkerij in Ljubljana, de hoofdstad van Slovenië, binnen. Zelfs de verkoopster lijkt het met ons te doen te hebben. 'Regen, regen', zegt ze met een beteuterd gezicht. Ja zegt dat wel, denken we bij onszelf, eerst sneeuw, sneeuw in Italië en nu regen, regen in Slovenië. Het land is mooi, maar het grijze, grauwe weer maakt het triest. We besluiten daarom eensgezind door te rijden naar Kroatië. Hoe zuidelijker, hoe warmer toch? Of niet.. in februari.. midden in de winter!
Met wind en regen dalen we langzaam de Kroatische kust af. Als we in een dorpje vragen wat het weer de komende dagen gaat doen, wordt ons verteld dat het gaat stoppen met regenen. 'Gelukkig', roepen we opgelucht. 'Maar harde, harde wind', wordt er vervolgens aan toegevoegd. Oh... En in Kroatië kunnen ze het weer voorspellen! Als we de pick-up bij een haventje neerstallen, waait het toch wel erg hard. Na een uur stormt het zo hard dat de hele camper-unit heen en weer schudt. Ik krijg het benauwd. 'Ik weet ook niet wat ik moet doen', zegt Manu, nu word ik misselijk. Normaal heeft hij altijd een oplossing, of roept hij op z'n minst ''t komt goed'. Nu niet dus... Als de zijpoten van de unit van de grond komen bij de daaropvolgende rukwinden, verzetten we snel de pick-up tegen een gebouwtje aan. Onze eerste nacht zonder slaap is aangebroken. Om de vijf minuten kondigen spookgeluiden zulke rukwinden aan, dat ik denk dat de unit uit elkaar spat. Ik tel, en zeg tegen mezelf dat het alleen nog minder kan gaan waaien. Het klopte, maar wat hebben we daar nerveus lang op moeten wachten! In de loop van de volgende ochtend werd de wind gelukkig wat rustiger, en wij uiteindelijk ook..
Na de kust en binnenland van Kroatië, én nog een uitstapje naar Bosnië Herzegovina (Mostar), besluiten we verder te gaan. We gaan nog even langs Dubrovnik en dan de grens over naar Montenegro!
Français
'Gondola, gondola', on entend dans tous les coins de rue. 80 euro pour 40 petites minutes dans une petite pirogue: le Disneyland d'Italie! Nous avons visité Venise au début de l'après-midi, car le matin c'était encore inondé et nous n'avions pas prevu nos bottes en caoutchouc.
Le lendemain, nous reprenons la route en direction de la Slovenie, où nous passons la nuit dans un petit village au calme et dans une nature époustouflante. Par contre, le nord de l'Italie n'est pas très jolie (trop de construction, industrie,..). Petit détour par l'Ambassade des Pays-Bas à Ljubljana pour aller chercher notre carnet de passage (papiers pour la voiture) que mon père nous a envoyés. Après deux jours de pluie en Slovenie nous décidons de descendre en direction de la Croatie. Peut-être que le temps y est meilleur? Premier jour en Croatie et le temps n'est pas meilleur, il est même pire qu'en Slovenie. Il y a en plus des gros rafales de vent qui font baloter le campingcar. Nuit d'enfer! On a cru que le toit du campingcar s'envolait. Enfin deuxième jour, très beau temp, mais encore beauceaup de vent. Nous avons longé la côte Croate du nord jusqu'au sud, ce n'est pas toujours jolie car les Croates sont les rois du béton!!! Nous faisons un crochet par la Bosnie pour visiter le pont de Mostar, qui avait été détruit en 1993. Il reste encore beaucoup de traces de la dernière guerre, ce qui fait le paysage assez impressionnant; surtout de voir toutes ses maisons encore détruites. Demain, nous allons visiter Dubrovnik, puis nous sortons de la Croatie pour entrer au Montenegro.
De sneeuwvlokken van Italie
Asolo; waypoints: N45 47.730 / E11 54.808; totaal aantal gereden km: 1553
'Andiamo al Lago Maggiore', zeggen we tegen de Italiaanse douanebeambte. Terwijl hij door onze paspoorten bladert, lichten we onszelf nog verder toe . 'Zij komt uit Nederland, hij is Fransman'. 'Fransman?' zegt de douanier verbaasd. 'Rocca is een Italiaanse naam', hij vond het zo raar een Italiaan met een Frans paspoort, onbegrijpelijk. Om hele familie histories en moeilijke vragen te stoppen, stemden we op een gegeven moment in met 'nee niet papa Italiaan, maar grandpapa Italiaan'. Zonder een woord of teken op het gezicht, gaf hij de paspoorten terug en seinde om snel door te rijden. We zijn in Italie!
Na de schitterende Zwitserse Alpen, dalen we snel af naar de warmte, althans de veronderstelde warmte, want het enige exotische wat we bij aankomst aan de Lago Maggiore vinden, zijn palmbomen. Voor de rest is het winter met grote vlokken sneeuw.
Sneeuwvlokken die in zulke hoeveelheden naar beneden komen, dat als we bij de Maggiore wegrijden, auto's over de weg glijden en vrachtwagens stuk voor stuk niet meer voorruit komen. Alle wegen staan vast. Het was één groot feest voor Manu. Nu kon hij zijn ‘titin' testen! De wielaandrijving ging in stand vier en we zoefden over de wegen, slalommend tussen al het weggegleden verkeer. Vervolgens gingen we de bergen in, 'nieuwe test!' riep Manu als een kind zo blij. Er was ondertussen 80 cm sneeuw gevallen en de hemel had nog lang niet al haar vlokken uitgeschud. Het werd donker, de bergen steiler, de sneeuwbuien heviger en Manu was steeds meer onder de indruk van zijn ‘titin'. Toen we eindelijk op onze uitgekozen berg aankwamen, konden we gelukkig bij een herberg parkeren en kregen we elektriciteit. Hoe trots en blij Manu met deze dag was, hoe blij we nu allebei zijn, om in het dal te zitten met het zonnetje dat eindelijk op onze bol schijnt. We gaan naar Slovenië, maar daarvoor nog even langs Venetië. We zijn nu toch zo dichtbij, we hebben nu toch alle tijd...
Français
Le grand jour du départ est arrivé, nous prenons la direction du Lago Maggiore avec une journée très ensoleillée. Nous passons la nuit dans un petit village au bord du Lago Maggiore (nuit très froid). Puis, le lendemain nous sommes allés sur une aire de camping-car à Verbania, parce que nous avons perdu 15 degrées de tempèrature. Heureusement, nous pouvons nous brancher sur le 220 volt pour pouvoir nous réchauffer. Après avoir couru 11km le long du lac derrière Heidi, nous reprenons la route en direction des autres lacs avec grosse tempête de neige! Je pense que les Italiens ne connaissent pas le mot chasse neige?
Gros problèmes de traffic; camions et voitures ne peuvent plus monter les pentes. J'ai mis les 4 roues motrise pour pouvoir me filer entre les voitures et camions. Pour nous pas de problèmes, nous filons en direction de Oltre il colle (à 1300 métres d`altitude avec 80 cm de neige fraiche) où nous passons la nuit sur un parking de restaurant avec electricité qui est pour nous très importante; quelle journée! Après avoir passés une nuit très tranquille, nous reprenons la direction du lac Garda où nous passons deux nuits. J'ai couru 11km le long du lac devant Heidi. Avant de quitter l'Italie pour la Slovenie, nous allons faire une petite visite à Venise (la ville des amoureux!).
Pour pouvoir nous localiser vous pouvez aller sur google-earth, puis tapez les waypoints ci-dessus.
Laatste tussenstop (Levier, Frankrijk)
Levier; waypoints: N 46 57.137' / E006 07.105'
Bijna twee maanden leven we nu zonder vaste woon- en verblijfplaats, maar we zijn nog altijd in voor ons vertrouwde omgevingen gebleven. Nog geen seconde last van heimwee naar een echt huis, naar werk of een regulier leven gehad. Zal dat nog komen?
Het vertrek uit Nederland voelde zelfs vertrouwd aan. De weg naar de familie van Manu in Frankrijk zit zo in ons systeem, dat we haast het gevoel hadden weer een ritje Levier te maken.
Maar nu gaat het dan echt gebeuren. De laatste autopapieren zijn geregeld, zodat ook deze allerlaatste tussenstop in Frankrijk tot het verleden tijd gaat behoren. Geen echt huis meer om in te schuilen, niet meer omringt door familie en vrienden, alleen nog met z'n tweeën onderweg; ons nieuwe leven!
We hebben zojuist onze route voor de komende dagen bepaald (ja, ja, heel erg, maar het blijft altijd een beetje plannen...) Via de Adriatische kust zakken we naar Griekenland af. We gaan naar het zuiden, richting warmte. Maar eerst nog de Zwitserse alpen over, en daar ligt nog heel veel sneeuw, brrrrr...
français
Cela fait deux mois que nous vivons sans domicile fixe, mais nous sommes toujours restés à proximité des amis ou de la famille.Nous n'avons pas eu encore une seconde de regret ni de manques (maison,travail...).Ces manques se feront-il resentir?
Le départ de la Hollande en direction de levier pour nous n'etait pas exceptionnel nous le resentions comme un de nos nombreux départs en vacances.
Après avoir passé deux semaines en france le vrai départ commence enfin!
Vendredi 30 janvier nous prenons la direction de l'italie en passant par le Valais Suisse et le 'simplon'.Nous avons consulté la météo et nous espérons ne pas avoir trop de neige au sommet du simplon!!!!!
Encore un grand merci pour le couscous de Yousef, la raclette de franck et leaititia, la fondue de zabou et denis, les cannellonis de soraya et sylvain puis un grand merci á mes parents et frères.