
Als eerste willen we iedereen een fantastisch, spetterend maar vooral een gelukkig en gezond 2012 wensen!!!!!
We hebben ons de laatste maanden een slag in de rondte gewerkt om ons concept Kalyvitis vorm te geven. De huisjes zijn bijna klaar en zo ook onze website http://www.kalyvitis.com/.
Voor deze keer willen we jullie dan ook vragen om naar onze site af te reizen. Er valt heel wat op te lezen en te zien. We zijn erg benieuwd wat jullie ervan vinden. Als jullie tips en/of adviezen hebben voor de site en/of het concept, stuur dan gerust een berichtje via de website. Alle reacties zijn welkom!!!! Voor degenen die helemaal enthousiast zijn geworden van ons concept, reserveren kan ook! Alle reismee lezers krijgen sowieso een vriendenkorting!
Groetjes en op wat voor manier dan ook, tot ziens!
Heidi en Manu
N.B. na alle bouwperikelen wil ik graag weer verhaaltjes gaan schrijven. Ik krijg nog genoeg inspiratie in dit zonnige land dat misschien bijna uit de euro kukelt. Een jaar wachten voor een verzekering, scholen die beginnen maar nog geen leraressen hebben, gratis winkelen, twee geitjes aanschaffen voor ons concept en échte Kalyvitis geitenkaas maken. Schrijfvoer zat wat mij betreft. Ik weet alleen nog niet of ik het via onze nieuwe website doe of gewoon via deze site. Maar dat laat ik nog weten. Heidi
Stel je je eens voor: je komt thuis van een dag hard werken. Het wordt buiten al donker en als de rest van het gezin ook allemaal is gearriveerd, ga je uitgehongerd eindelijk aan tafel. Goed en wel geinstalleerd om je op het avondeten te storten, hoor je opeens de voordeur met een klap dichtgaan. Je vraagt je verbijsterd af wat het kan zijn en gaat kijken wat er aan de hand is. Je draait aan de deurknop; potdicht, je kan er niet meer uit. Na enkele minuten begint het hele huis te schudden. Je rolt van links naar rechts over de vloer, onmogelijk om je nog staande te houden. Dan gaat het hele huis met een rotvaart als een lift omhoog en knalt even later neer. Duizelig, verbouwereerd en ontdaan blijf je stilzitten, afwachtend wat er verder gaat gebeuren. Opeens voel je dat het huis weer in beweging is. Gedurende een uur schokt het huis heen en weer, totdat het heel even stil is. Maar opeens schiet het hele huis weer in één keer omhoog om vervolgens op de grond terecht te komen. De deur gaat weer open. Aarzelend loop je voorzichtig naar de voordeur en kijkt naar buiten. Pikkendonker en doodstil. Je besluit maar binnen te blijven totdat het lichter wordt. En als dan de volgende ochtend de zon opgaat en je naar buiten loopt, stap je een hele andere wereld binnen, jouw nieuwe wereld...
Op Kreta schijnt heel de zomer de zon (sorry...), en hoewel dat op zijn zachts gezegd erg aangenaam is, heeft het ook zijn nadelen. Zo staat in het voorjaar heel het eiland vol bloemen, maar in de zomer is het kurkdroog. Gelukkig is er op Oost Kreta een uitgestrekt gebied, dat juist in de zomer vol staat met alleen bloeiende wilde tijm. Dus als je je bijen hebt, en je wil goede honing maken, zal je hier achter de bloemen aan moeten! Verhuizen dus! Met kast en haard verhuizen we alle bijen een aantal keer per jaar van de ene plek naar de andere. 'S Nachts, want dan zitten ze allemaal netjes binnen. Zo hebben we ze in juni voor het eerst laag in de bergen tussen het wilde tijm gezet. Toen hier de tijm was uitgebloeid, hebben we ze in juli iets hoger in de bergen geplaatst. Nadat we vervolgens in augustus de tijmhoning hadden geoogst, werd het tijd om de kasten ver, heel ver in de bossen te brengen waar de bijen dennenhoning kunnen maken.
Het is midden in de nacht als we ergens diep in de bossen de bijenkasten uit de auto laden om onze bijen in hun nieuwe wereld te zetten. Ik sta achter op de bak en moet alle kracht uit mijn tenen halen om de kasten aan Yiannis en Manu te kunnen geven. Het is zo pikkedonker dat de koplampen dienst doen als wegwijzer om de kasten te installeren. Als ik bij de laatste kast sta om aan te geven, hoor ik ver voor de auto een klap en vervolgens Yiannis schreeuwen. Verschrikt kijk ik om. "Manu achteruit! Achteruit! Ga weg daar! Weg!". Terwijl Manu wat ontdaan naar achter loopt, zie ik dat een dubbele kast open en bloot op de grond ligt uitgestrekt. Yiannis loopt naar de kast, maar wordt meteen van alle kanten door de bijen belaagd. "Licht uit! Licht uit! Alle lichten uit, ze komen naar het licht!!!" schreeuwt hij dan. Half in paniek spring ik in de auto en draai aan de lichtknoppen totdat ik niks meer zie. "Geef me een masker en een hoofdlamp", is de volgende orde opeens uit het pikkedonker. "Ik kijk naar Manu die naast de auto staat en piep, "Geef jij die maar, ik ga de auto niet meer uit", door alle commotie opeens doodsbang voor bijen... Manu pakt rustig de masker en loopt naar Yiannis die nog van alle kanten belaagd wordt, maar toch probeert de kast onverstoorbaar weer in orde te maken. "Maak rook Manu, ik heb rook nodig zodat ze terug naar binnen gaan", zegt hij dan. Manu loopt naar de bak van onze pick-up en begint een vuurtje te maken in de beroker. Nog geen enkele seconden daarna, gilt Yiannis opeens "Brand!!! Brand!!!!". Verschrikt kijk ik achter in de bak waar ik het licht van de vlammen vandaan zie komen. Ik begin meteen te hyperventileren bij de gedachte dat we het hele bos in de fik aan het steken zijn. Het vuurtje voor de rook wat Manu aan het maken is, is door een windvlaag aangewakkerd en schiet eruit als een vlam in de pan. Yiannis rent naar de bak, maar Manu heeft het vuur al weer onder controle. Yiannis is in alle staten, "O, als het bos in de brand gaat.. als het bos in de brand gaat", jammert hij alsmaar. Hoewel bij zowel Manu als ik de adrenaline door ons lijf giert, reageren we rustig en cool. "Niks aan de hand Yiannis, geen takje verbrand, ik had alles onder controle, rustig aan", sust Manu hem in. Als Yiannis na wat ademhalingstherapie met de rook weer naar de kast gaat, zet hij het zonder blikken of blozen één keer in elkaar. De bijen rondom berookt hij zo, dat ze weer snel naar binnen gaan. Even later staan we met zijn drieën om de auto. "Ik was zo bang dat er vonken op de grond zouden komen", legt Yiannis uit. "Als we een bosbrand hadden veroorzaakt, hadden we een groot, heel groot, groot probleem".
Als we uren later eindelijk thuiskomen, moeten we toch wel lachen om de gedachte dat bijenhouden extreem avontuurlijk werk is. Niks oubollig of geitenwollensokkerig! Voor je het weet, word je lek geprikt of staat de boel in brand. En dan moet jezelf op zoek naar een nieuwe wereld of komen je bijen nog geen eens in een nieuwe wereld! Gelukkig is het niet zo gelopen en vliegen onze bijen de volgende morgen gewoon een hele andere wereld binnen, hun nieuwe wereld....!
We krijgen af en toe berichtjes en vragen dat we zolang niks van ons hebben laten horen en hoe het met ons gaat. Nou daar gaat ie dan!!!
Het leek even of we van de aardbodem verdwenen zijn, maar het tegendeel is waar. Onze benen hebben al weer een tijdje geleden afscheid genomen van het fietsen in India, en nu staan ze weer op Griekse grond. Of liever gezegd, ze staan weer in het Griekse beton! Want ja, ja, Manu heeft zijn Bob de Bouwer pet weer opgezet en Heidi heeft haar Wendy outfit weer aangetrokken. We zijn opnieuw aan het bouwen: twee stenen huisjes en we bouwen aan ons concept: Kalyvitis!
Na een fantastische ervaring in India, was het duidelijk dat we vorm moesten geven aan ons leven hier op Kreta. Met het bouwen van het huis en hier en daar wat werken, hebben we uitgebreid kennis kunnen maken met het Kretenzische klimaat, mentaliteit, cultuur en natuur. En uiteindelijk hebben we de conclusie getrokken: we willen hier voorlopig nog niet weg. Maar waarvan overleven in een gebied waar je alleen maar struikelt over de olijfbomen, bergen om je heen ziet en omsingeld bent door een helderblauwe zee? Nou, dat was snel duidelijk, juist! hiervan! Waarom niet met anderen delen, wat ons zo trekt aan Zuidoost-Kreta. Het simpele natuurlijke leven. Een simpel leven wat een hele andere luxe kent. Hier wordt zelden over het weer gepraat, want iedereen weet dat morgen de zon schijnt. Als je naar zee gaat, zijn de verlaten baaitjes en strandjes voor het uitkiezen. Ga je wandelen in ongerepte kloven en gebergten, kom je geen kip tegen. Grieken wandelen niet voor de lol, die beschouwen de natuur alleen maar als voedselbron. En wat voor één!
Hier hebben we geleerd hoe pure olijfolie wordt gemaakt én smaakt. We hebben onze ogen uitgekeken hoe ingenieus bijen honing maken. En we blijven verbaasd als we in het wild citroenen, vijgen, sinaasappels en noten kunnen plukken. Het is een primitief leven, waar cinema, shoppingcentra en hip uitgaansleven niet te bekennen zijn. Maar soms kan het wel eens goed zijn even uit de snelle moderne maatschappij te stappen en te realiseren dat hier de basis ligt. Voor degenen die dit leven even willen ervaren, hun harde schijf een tijdje willen wissen, zijn we het concept Kalyvitis aan het bouwen.
Kalyvitis (de naam van de plek waar we wonen) krijgt twee stenen huisjes midden tussen de olijfbomen. Het worden luxe huisjes; niet in materieel opzicht: er is geen airco (overbodig met die dikke muren), geen televisie, geen telefoonverbinding en geen internet. Maar de luxe zit hem juist in de ruimte, rust, kwaliteit en originaliteit. Zo krijgt elk huisje een privé dompelbad op het terras met uitzicht op de bergen. De luxe uit de natuur komt bijvoorbeeld van de duizenden sterren die 's nachts op je eigen terras te bewonderen zijn of van het opgediende ontbijt met zelfgemaakte honing, tomatenjam of kakelverse eieren gepikt bij onze vriend Yiannis. Degenen die zich willen verdiepen in het buitenleven hier, kunnen een bezoekje brengen aan onze bijenkasten, helpen met de olijfoogst, kaas maken, druiven plukken of raki stoken. Maar voor degenen die niks willen doen, die doen gewoon helemaal niks. Iedereen kan hier op zijn eigen manier binnen stappen in het buitenleven.
Met de productie van onze olijfolie en honing, het verhuur van de huisjes en alle mogelijke activiteiten, hopen we hier te kunnen overleven. Het zal niet makkelijk worden, maar wij vinden het de moeite waard om het te proberen; ons leven simpel en puur te houden, en dat te kunnen delen met mensen die dat waarderen!
Hallo allemaal,
Dit keer geen verhaaltje maar een berichtje. Als eerste wil ik de lezers die vlug bij de ‘Gezinsuitbreiding!' waren, even (voor de zekerheid) doorgeven dat de foto's over het bijen houden er nu ook op staan. Het leek of ik de kluts kwijt was (bijen maken honing geen wijn...), maar ik was nog niet klaar met het downloaden van de foto's toen de elektriciteit uitsprong. Ja...We zitten op Kreta! Hier trekt de elektriciteitscentrale soms gewoon de stekker eruit. En dan zitten duizenden mensen een paar uur zonder stroom. De slager kan zijn vlees niet meer afwegen, de cafeneio geen espresso meer zetten, en thuis ben je bevrijd van stofzuigen, tv kijken en dus je computer..... Afijn, het voordeel is dat je altijd weer blij bent als alles weer aanspringt! Dus wie onze nieuwe huisgenoten heeft gemist, kan ze alsnog spotten!
Tevens wil ik ook kwijt hoe geweldig wij het vinden dat jullie blijven lezen en reageren. Ondanks dat de verhaaltjes niet echt consequent komen, zijn we niet van plan te stoppen aangezien er nog heel wat inspiratiebronnen aankomen... Liefhebbers van olijfolie en honing kunnen straks in ieder geval hun vingers aflikken! en....((primeur) we vertrekken deze winter naar Zuid India. We gaan daar twee maanden rondtrekken... met de fiets. Dus nieuwe verhalen en nieuwe foto's!!
Nogmaals heel, heel, heel erg bedankt voor jullie interesse en leuke reacties!!! Het doet ons goed!!
Groetjes uit zonnig (sorry...) Kreta,
Heidi en Manu
Als ik op een ochtend nog half slaapwandelend in mijn running outfit naar de auto loop voor mijn dagelijkse hardlooptochtje langs de kust, hoor ik opeens een hoop gezoem om me heen. In no time realiseer ik me weer dat we sinds kort een hoop nieuwe bewoners om ons huis hebben. Alwetend dat ze me met rust laten zolang ikzelf rustig blijf, manoeuvreer ik me zo nonchalant mogelijk naar de auto. Totdat er één nieuwkomer vrolijk boven mijn hoofd blijft zoemen. Kennelijk verward ze de geur van mijn bloesem shampoo met echte bloemetjes, en ze doet dan ook verwoed een aantal pogingen om in mijn haar te landen. Mijn stoere, relaxte houding verdwijnt in één klap in lichte paniek en grote irritatie. "Hé indringer", schreeuw ik al slaand om me heen, "of je past je aan en laat me met rust. Of we flikkeren jullie allemaal vanmiddag nog van het terrein af!" En na een kort sprintje zit ik veilig en wel in de auto. Als ik weg wil rijden zie ik onze nieuwkomer snel naar huis vluchten. Ja, het is even wennen. Maar ik denk toch dat we het prima met elkaar zullen vinden... Wij en onze duizenden, duizenden bijen die deze winter voor ons huis zullen bivakkeren. We zijn opeens wel een héélle grote familie. Wie had dat ooit gedacht?....
"Over een jaar ben je maestro!", roept Yiannis volledig overtuigd naar Manu. "Als je dit boek goed leest en goed kijkt hoe ik met mijn bijen werk, dan heb ook jij volgend jaar super honing!" Als ik van de dikke encyclopedie op tafel naar Manu opkijk, krab ik even achter mijn oren. Kijken das geen probleem, maar een héél boek lezen? Dat is hem nog nooit gelukt! Maar Manu is zo hyper van enthousiasme, dat ik haast denk dat het wonder dit keer gaat geschieden. "Morgen haal ik jullie op en dan krijgen jullie jullie eerste les bijen houden", roept onze bijenexpert Yiannis opgewonden. Als we de volgende ochtend bij zijn bijenkasten aankomen, heb ik het idee dat we in een sciencefiction film zijn beland. We zijn ergens midden in de bossen. Beschermd met gaaskappen lopen we alle drie tegelijk op de bijenkasten af. Yiannis voorop bewapend met een beroker om de bijen te bedwelmen. Wij als een stel beveiligingsagenten sluipen waakzaam achter hem aan. Ik heb eerder het idee dat we een bom gaan ontmantelen dan onschuldig bijtjes kijken. Als we vlak bij de kasten aankomen, geeft Yiannis nog snel een laatste advies. "Als jullie geen gekke bewegingen maken, dan doen de bijen ook niets." ‘Nou, dat is geruststellend', denk ik haast verontwaardigd, ‘als je wordt aangevallen door een zwerm bijen, mag je nog niet bewegen ook. Hoezo oneerlijke strijd?' Maar eenmaal bij de kasten aangekomen zijn we de rust zelf, het voelt juist heel vanzelfsprekend. Als Yiannis een bijenkast opent, bedwelmt hij meteen de hele bevolking met rook. En voor we het weten zijn we bijen aan het inspecteren, van de raten af aan het borstelen en hun honing aan het inzamelen. Als we klaar zijn en terug naar huis rijden is Manu nog helemaal onder de indruk van zijn eerste bijenervaring. "Dit is super interessant! Ik wil echt goed leren bijen houden. Dat weet ik nu zeker. Heid, we gaan bijenkasten kopen!" En voor ik het ook maar goed en wel door heb, zit een uur later de pick-up van Yiannis vol met bijenkasten. Onze bijenkasten... Thuis aangekomen heeft Manu het alleen nog maar druk. Zijn bijenboek lezen, de bijenkasten schuren, de bijenkasten oliën, de bijenkasten verven; m.a.w. heb ik nu één grote bezige bij en tien lege bijenkasten.... En daar komt geen druppel honing uit! Als Yiannis ziet dat Manu zijn luxueuze bijenvilla's bijna klaar heeft, zegt hij "Oké, nu ga ik voor jullie op zoek naar bijenvolken", en hij vertrekt meteen als een speer om zijn missie te vervullen. Een aantal dagen later staat hij echter zuchtend en kreunend weer voor onze neus. "Problem, problem, er zijn geen goede bijen in de buurt. Problem, problem, het is een slecht jaar met weinig bijen." Zonder iets te zeggen, kijken we een beetje beteuterd naar onze kastjes. "No problem, no problem, ik vind ze wel. No problem, ik zal voor jullie goede bijen vinden". En al druk bellend gaat hij er weer vandoor. De volgende dag komt hij als een dolle terug. "Jongens, we gaan overmorgen naar Chania. Ik heb daar iemand gevonden die superbijen verkoopt!" En zo zitten we twee dagen later bepakt en bezakt in een wagen vol bijenkasten richting Chania. Meer dan driehonderd kilometer leggen we af voor onze duizenden nieuwe huisgenoten. Maar als we er aankomen blijkt het niet voor niets "Oraio, oraio", (mooi, mooi) kraamt Yiannis verwonderd uit als hij de bijenvolken inspecteert. Opgewonden over de nieuwe bijenaanwinst verhuizen we de ramen snel naar onze bijenkasten, en vertrekken weer richting huis. Als we met onze zoemende kasten 's nachts thuiskomen, krijgt iedere bijeenkast zijn eigen stekkie voor ons huis. Vol ongeloof zitten we vervolgens met zijn tweeën naar het rijtje kasten te kijken. Ongeloof hoe ingenieus de natuur in elkaar zit en ongeloof dat wij ooit aan het bijen houden zouden slaan. Maar het staat voor ons vast, de volgende zomer heeft Kalyvitis haar eigen heerlijke puur natuurlijke honingproductie. Want het kan haast niet anders; met de hulp van onze bijenexpert Yiannis, het enthousiasme van Manu én onze topbijen uit Chania, zullen heel wat mensen onze bijenhoning met hun vingers aflikken!
N.B. En ja, ja, het wonder is bijna geschied... Manu heeft zijn bijenboek bijna uit!!!!
Het is weer een tijd geleden en we kregen al ongeruste berichtjes of alles goed met ons gaat. Ik kan zeggen, het gaat prima! Alleen de verhaaltjes zijn er deze zomer bij ingeschoten, want we waren druk aan het werk...!
Wanneer een paar Grieken een klimwand met een quad proberen te verplaatsen, kijken Manu en ik dit tafereel met grote lol aan. Want het is waar; een Griek weet het altijd beter en het zijn allemaal Malaka's...
Bijna iedereen op Kreta wordt naar opa of oma vernoemd, en daarom is de variatie in namen op dit eiland erg klein. Maar daarnaast noemen de mannen hier elkaar zonder uitzondering ook Malaka, een ingeburgerd scheldwoord dat in bijna elk gesprek voorkomt. Dus of je wilt of niet; je komt er niet onderuit minstens één keer per dag een Malaka te zijn.
Ondanks dat ze het allemaal beter weten, lukt het de mannen om na anderhalf uur gesteggel en discussie de klimwand en bungee trampoline op het strand neer te zetten.
En dan kunnen Heidi en Manu voor deze zomer aan de slag, want... we gaan werken bij Yiannis Watersports! Toeristen kunnen jetski's huren, waterskiën, op de bananenboot en op bungee trampoline! Elke dag in de zon op het strand, dat is weer eens een andere werkplek... En de klanten? Toeristen uit Duitsland, Italië, Zweden en Noorwegen, met net als de Grieken, allemaal hun eigenaardigheden...
Een klein Italiaans voorbeeld:
"Siamo Italiano, Italiano!" horen we al van ver als er een groep Italianen aankomt stuiven. Vaak komen ze met twintig man sterk, terwijl er maar ééntje iets wil doen. Zonder uitzondering ratelen ze allemaal aan één stuk door. Weigeren ze allemaal te luisteren. En spreken ze allemaal geen één enkel woord Engels. Met Italianen moet je dus snel optreden voordat de chaos compleet is. Onze tactiek is om meteen een paar woordjes uit hun gekwetter op te pikken die we kennen. "Moto d'acqua", horen we opeens voorbij zoeven. "Oké, de jetski, eerst betalen dan de life jacket aan." reageer ik meteen. Als ik vervolgens de betreffende Italiano in rap tempo in een life jacket heb geschoven, begint het moeilijkste gedeelte: uitleggen waar hij wel en niet met de jetski naar toe mag. "Zie je grote ballon daar?" vraag ik al wijzend naar de laatste reddingsboei in zee. "Met de jetski achter de ballon blijven! ACHTER, NIET VÓÓR. Mensen zwemmen!! Kijk allemaal mensen!! very dangerous!!!!" Met handen en voeten en wat stopwoorden, hoop ik dat de man het begrijpt. Maar die wuift lachend mijn verwoede pogingen weg en roept alleen "Capito, capito". Alsof het allemaal even logisch is en ik niet zo moeilijk hoef te doen. Ik ga onverwoestbaar verder "Niet achter de rocks", al wijzend naar de rotsen in zee. "Als jij probleem hebt, wij niets zien, dus niet daar!! Niet rocks, andere kant!!" "Oké, oké, andiamo." Stelt hij dan voor. "Ho, ho, niks andiomo my friend, ik ben nog niet klaar." En trek aan zijn Versace zwembroek als hij er van door wil gaan. "Na tien minuten moto d'acqua biep, biep, biep, jij dan ritornare." Sluit ik af. "Capito, capito", herhaalt hij nogmaals en dan laat ik hem uit mijn houtgreep los. Manu vergezelt de Versace zwembroek naar de jetski en herhaalt standaard met hele andere stopwoorden mijn verhaal. Als hij de Italiaan op de jetski installeert en hem laat vertrekken, kijken we elkaar aan al precies wetend wat er gaat gebeuren. Manu is de zee nog niet uit gelopen en onze mafioso draait dwars vóór de reddingsboei linksaf en verdwijnt achter de rotsen. Manu pakt voor de zekerheid de afstandbediening waar hij de jetski mee kan uitschakelen. Na enkele minuten verschijnt onze spaghetti eter weer achter de rotsen. Met grote snelheid rost hij in één keer door naar de andere kant van het strand, en begint stoer met de jetski tussen de zwemmende massa te spelen. "Malaka", reageert Manu toonloos en stopt hup de jetski met de afstandbediening. De jetski ligt opeens stil in het water en de Italiaan staart beduusd om zich heen. In paniek begint hij dan op alle knopjes tegelijk te drukken en te draaien, totdat de jetski weer start. Geschrokken van het incident maakt hij dan meteen rechtsomkeer en komt vliegensvlug teruggevaren. Wanneer hij van de jetski stapt, trekt hij zijn life jacket recht en strijkt hij zijn haren glad voordat hij het water uit komt paraderen. Op het strand wordt hij vervolgens met applaus, gejuich en twintig fotosessies warm onthaalt door al zijn paparazzi vrienden. Dan worden wij uitgebreid bedankt voor het geweldige tripje en binnen enkele seconden is iedereen vol enthousiasme verdwenen.
Wij hebben deze zomer geïntrigeerd gekeken naar alle Duitse, Zweedse, Griekse, Noorse en Italiaanse toeristen op het strand. En veel stereotypes waar deze volken bekend om staan, blijken aardig te kloppen. Van de chaotisch uitbundige Italiaan tot de geordende en gedisciplineerde Duitser. Maar we hebben onszelf er ook op betrapt dat als we Grieken aan het werk zien, het zelf veel beter denken te weten. Zullen we dan toch al een heel klein beetje Grieks zijn....???
We bevinden ons in de buurt van Heraklion om bamboe te kopen en zijn op een wel heel merkwaardig verkooppunt terechtgekomen..
Er liggen grote bergen bamboe aan de kant en aan het einde lijkt het net een grote kringloopwinkel met allemaal meubels op elkaar gepropt. Alleen is de ene helft van de meubels kapot en de andere helft nog niet af... "Heb je pen en papier?", vraagt Manolis dan. "Alleen een pen", antwoord ik al zoekend in mijn tas. "Oké, ook goed.", reageert Manolis en pakt ergens een houtenplank van de grond en komt dan meteen ter zake. "Teken hier hoe de bamboematten eruit moeten zien en met welke afmeting." En duwt me de plank in mijn handen. Als mijn pen en de houtenplank elke vorm van samenwerking weigeren, pakt Manolis ondertussen een ander stuk hout van de grond en geeft het me. "Hier, met deze lukt het wel." En verdraait, mijn pen doet... "Mooie loods", complimenteert Manu de mannetjes als ik aan een tafeltje tussen de citroenschillen en raki flesjes op het houtenplankje probeer te tekenen. "Ja", zucht Manolis, "maar ik heb geen water en elektriciteit hier." "Hoezo?", vraagt Manu ongelovig. "Veel te duur om aan te sluiten, dat gaat me duizenden euro's kosten, ja we zitten een beetje ver van de bewoonde wereld..." En dan krijgt de loods zachtjes aan een wel een hele primitieve uitstraling. Als Manolis vervolgens mijn tekenkunsten bekijkt, rekent hij snel uit hoeveel bamboe we nodig hebben en wat hij ervoor wil hebben. Na wat onderhandelen komen we tot een akkoord en lopen we naar buiten om de bamboe op onze auto te laden. "Hoe kwam je in de gevangenis terecht?", vraagt Manu dan nieuwsgierig aan Jim. "Manolis en ik zijn Jehovagetuigen", legt Jim uit. "Omdat wij weigeren wapens te dragen, wilden we niet in militaire dienst. Onze diensttijd moesten we daarom in de gevangenis doorbrengen. Ik heb Manolis in de gevangenis leren kennen en sindsdien zijn wij dikke vrienden. En daar heb ik mezelf dus de Franse taal eigen gemaakt." Als Manu en Jim de bamboe op de auto slepen, wijst Manolis me ondertussen naar een berg rotte bamboe. "Kijk Heidi, mooie stoeltjes. Ik kan ze nu in de crisistijd niet verkopen. Niemand wil ze. En het is te veel werk om ze op te knappen. Maar het zijn mooie stoeltjes. Wil jij ze niet?" Ik kijk bedenkelijk naar de gesloopte stoeltjes waar zelfs een muis niet op zou durven zitten, bang dat hij erdoorheen zakt. "Ik geef je ze zo mee", roept Manolis alsof hij zijn dierbaarste bezit wil afstaan. "Ja, ik wil ze wel", stamel ik, bang om hem te beledigen als ik zijn aanbieding zou afwijzen. Maar ondertussen denk ik stiekem "Ze passen niet in onze kachel. Die gaan dus regelrecht naar de eerste beste vuilnisbelt." En Manolis vervolgt "En hier zijn nog twee stoeltjes. Helemaal goed, die geef ik je ook cadeau." Als ik het nieuwe aanbod bekijk, word ik iets enthousiaster. "Ja die wil ik wel", roep ik nu oprecht. Maar we kunnen ze niet allemaal meenemen. Dat past nooit in de auto. Weet je wat? We nemen nu díe twee stoeltjes mee. Die andere halen we wel een andere keer op." "Ja, die andere zijn niets meer, hé?", antwoordt hij dan alsof hij mijn gedachte kan lezen. Als alles in en op de auto is geladen en we willen vertrekken roept Jim opeens "Wacht, ik heb ook een cadeautje voor jullie. Ogen dicht doen.", zegt hij tegen Manu als hij naar hun autootje loopt en er iets uit haalt. "Doe je ogen nou dicht", roept hij vervolgens als een kind wanneer Manu hem gewoon met grote ogen volgt om te zien wat hij doet. Als Manu hem dan netjes gehoorzaamd, houdt Jim hem iets onder zijn neus. "Ruik je wat het is?", vraagt hij vol verwachting. Voordat Manu ook maar iets kan antwoorden, roept hij al "Kijk nougat, vers gemaakt met de hand. Die is voor jullie." Als we al bedankend de auto in willen stappen, roept Manolis opeens bezorgd "Hoe rijden jullie terug naar huis? Over de doorgaande weg?" "Ja, hoezo?", antwoorden we verbaasd. "Niet doen, niet doen. Dat is te gevaarlijk. Als jullie worden aangehouden, hebben jullie grote, grote problemen." Manu en ik kijken elkaar niet begrijpend aan. "Waarom?" "De bamboe, ze willen weten waar de bamboe vandaan komt." "Wie de politie?", reageren we nog steeds niet begrijpend wat het probleem is. "Nee, niet de politie. Mannen in burger met gewone auto's van de belasting. Zij willen weten waar je het vandaan hebt. Als je geen rekening hebt, krijg je een boete, een heeeleee hoge boete." "Dan zeggen we toch gewoon dat we het geplukt hebben.", antwoordt Manu al grinnikend. Maar Manolis ziet er de lol niet van in. "Nee, jullie moeten binnendoor rijden. Via de bergen, daar komen ze niet. Hebben jullie een wegenkaart?" Als we er één vinden en het nonchalant aan Manolis overhandigen. Begint hij aan een zéér gedetailleerde routebeschrijving "Jullie rijden eerst naar dat dorpje, daar sla je bij de kerk links af. Er staan geen borden dus je moet goed opletten.." Na twintig minuten uitleg en herhaling over hoe we wél en níet moeten rijden, nemen we al tollend afscheid van elkaar en beginnen we aan onze alternatieve route terug naar Kalifiti. Na uren toeren komen we eindelijk op onze thuisbasis aan, nog steeds niet realiserend waarom Manolis al die heisa maakte wat betreft de belastingdienst. Daar kwamen we uiteindelijk de volgende dagen achter. "Watttt??? Heeft hij jullie zonder rekening weg laten gaan?? Als de belastingdienst jullie had aangehouden en jullie konden niet aantonen dat jullie BTW hadden betaald, waren jullie in heeleee grote problemen!!!" kregen we links en rechts te horen. En toen beseften we dat in Griekenland de BTW nog niet zo "geaccepteerd" is als in Nederland. In Nederland wordt veelal de 19% gelaten betalen, maar in Griekenland vinden ze het complete diefstal. De zwarte handel leeft hier dan ook rijkelijk, en de belastingdienst heeft er weinig controle over. Vandaar de patrouilles en aanhoudingen, en als je dan gepakt wordt, ja dan ben je de pineut. Maar gelukkig hebben wij ondertussen de bamboematten voor ons huis hangen, geplukt, langs de kant van de rivier....
Het is weer veel te lang stil geweest op de site, maar dat wil niet zeggen dat we stil hebben gezeten!..... Eerst nog een verhaaltje dat al een hele tijd staat te trappelen om op de site te komen...
"Hallo, ik bel voor Manolis. Wij zoeken bamboematten. En ik heb begrepen dat hij een bamboefabriek hier heeft. Kunnen we langskomen?", vraag ik de vrouw aan de andere kant van de lijn als we een keer in Heraklion zijn. "Ja hoor, waar zijn jullie nu?" "Ergens in Heraklion.", antwoord ik alleen maar, want we hebben werkelijk geen idee waar in Heraklion. "Waar staat de fabriek?", vraag ik vervolgens. Overtuigd dat we het met een adres altijd vinden. "O, dat is veel te moeilijk om uit te leggen. Weten jullie de Lidle aan het begin van de stad?" Ja, dat weten we wel. "Rijd daar naar toe en wacht op het parkeerterrein. Dan worden jullie daar over 15 minuten opgehaald." Tuut, tuut, tuut, einde gesprek. Ik kijk van de telefoon naar mijn eigen Manolis. "Wat is dit nu weer?", reageer ik verbaasd. "Wat doen we?", vraag ik vervolgens om te weten wat Manu ervan denkt. "We gaan", antwoordt hij kordaat. "Oké we gaan", herhaal ik instemmend. Op naar de Lidle voor bamboe!!!???
Als we nog geen vijf minuten op het parkeerterrein van de Lidle staan, komt er een klein groen autootje het terrein oprijden. In het karretje zitten twee dikke oude mannetjes die zonder aarzeling rechtstreeks naar ons toe rijden. "Bamboe?", vragen we als een soort code wanneer ze hun raampjes opendraaien. "Ja, wij zijn van de bamboe. Waar komen jullie vandaan?", vraagt de bijrijder meteen. Als Manu zegt dat hij uit Frankrijk komt, is het mannetje in alle staten. "Oh, parlez vous français?", roept hij verrukt. "Spreekt u ook Frans? Bent u Fransman? ", reageert Manu ook vol enthousiasme. "Nee," antwoordt bijrijder Jim dan in vloeiend Frans, "Ik ben een Griek maar ik heb Frans leren spreken toen ik in de gevangenis zat." O ja, dat kan natuurlijk ook, daar hadden we nog niet aan gedacht, denken we dan maar. "Als bestuurder Manolis aangeeft dat hij alleen maar Grieks spreekt, oppert hij meteen om te gaan. En zo rijden we vervolgens door Heraklion achter het autootje aan. Als we na tien minuten bij een industrieterrein aankomen, roept Manu overtuigd. "Hier moet het zijn. Ik dacht al dat het hier was. Ik heb hier volgens mij ergens een loods met allemaal bamboe buiten zien staan." Maar zonder dat we ook maar één loods en één bamboestokje hebben gezien, rijden we het industrieterrein af, Heraklion uit, en zigzaggen vervolgens minutenlang over plattelandsweggetjes.... "Hoe konden zij nou binnen 15 minuten bij de Lidle zijn? We zijn al vijfentwintig minuten aan het rijden", merkt Manu opeens een beetje argwanend op. "Hier staan ook helemaal geen fabrieken, er is alleen maar boerenland. We zitten in de middle of nowhere.", vul ik hem nog aan. En dan opeens stopt het autootje midden op de weg met de waarschuwingslichten aan. We stoppen ook maar netjes en doen hetzelfde. "Dat gaat niet goed daarbinnen", merkt Manu op als hij in het autootje voor ons probeert te gluren. "Volgens mij gaat onze bijrijder Jim over zijn nek." Maar net als we uit willen stappen om te kijken wat er met de mannetjes aan de hand is, gaat het karretje alweer zachtjes voorruit en vervolgt zijn weg. "Het is dat het van die oude kereltjes zijn en dat we weten dat Manolis uit Orinó komt, anders zou ik nog denken dat we ‘geript' worden.", merk ik nonchalant op. Nog geen twee seconden later slaat het autootje opeens rechtsaf in een gat tussen de vangrail. We hotsen een botsen vervolgens over een weggetje waar de wegen van Kalifiti zo glad als een biljartbal bij zijn. Als we voor een grote poort stoppen, vraag ik mezelf twijfelend af of het niet beter was om de bamboe gewoon in een winkel te kopen. Je loopt naar binnen, pakt wat je wilt hebben, betaalt aan de kassa en klaarrrrr!!! Nu is het maar afwachten hoe we hier weer weggaan. Jim stapt het autootje uit om de poort open te doen. Ik zie het schuim langs zijn mond lopen. Ja, die is waarschijnlijk over zijn nek gegaan, denk ik als ik mijn hoofd snel wegdraai, bang dat anders mij hetzelfde zou overkomen. Als we de poort doorrijden en even later uitstappen, staat Jim echter alweer even vrolijk Frans te brabbelen terwijl we een hele grote loods worden ingeleid...
Laat je e-mail achter en ik stuur je een mailtje als ik een nieuw verhaal of nieuwe foto's op de site heb gezet.